De ambtenaar belast met de grensbewaking neemt zo spoedig mogelijk een besluit omtrent weigering van de toegang als bedoeld in artikel 14 in samenhang met artikel 6 SGC (model M17), als de aanvraag binnen de grensprocedure expliciet of impliciet wordt ingetrokken.
Na het nemen van dit besluit, legt de bevoegde ambtenaar middels beschikking model M19 of M19A een nieuwe vrijheidsontnemende maatregel op krachtens artikel 6, eerste en tweede lid Vw dan wel artikel 6a Vw. Het nemen van een besluit omtrent weigering van de toegang en het opleggen van deze nieuwe maatregel moet plaatsvinden binnen twee dagen na intrekking van de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel.
Als de vreemdeling in vreemdelingenbewaring zijn aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel intrekt, wordt beoordeeld of aansluitend een nieuwe maatregel op grond van artikel 59, eerste lid onder a, Vw opgelegd kan worden. Ook hiervoor geldt een termijn van twee dagen.
Bij VRIS-zaken moet beoordeeld worden of er bij een inhoudelijke beslissing op grond van openbare orde een zwaar inreisverbod kan worden opgelegd.