De IND beoordeelt of de vreemdeling in aanmerking komt voor een vluchtelingstatus, subsidiairebeschermingsstatus, een afgeleide status op basis van meereis of nareis, of niet in aanmerking komt voor een status. Deze status is bepalend voor de vraag aan welke voorwaarden moet worden voldaan om de status niet te verlenen in het geval sprake is van openbare orde aspecten. Afhankelijk van de status beoordeelt de IND of sprake is van een bijzonder ernstig of ernstig misdrijf en/of een gevaar voor de gemeenschap. Dit gebeurt op individuele basis, aan de hand van alle relevante feitelijke en juridische gegevens. Dit houdt in dat de IND alle strafrechtelijke veroordelingen, verdenkingen en gepleegde misdrijven meeweegt in de beoordeling of er sprake is van een gevaar voor de openbare orde.

Jeugdstrafrecht

Ook veroordelingen die in het verleden volgens het jeugdstrafrecht zijn opgelegd worden betrokken bij de beoordeling of sprake is van een gevaar voor de openbare orde. De IND betrekt daarbij in ieder geval de door de vreemdeling aangevoerde bijzondere feiten en omstandigheden, die zien op de aard en de ernst van het delict en het tijdsverloop dat is verstreken sinds het delict. Hierbij wegen de individuele omstandigheden zwaar mee, waaronder de vraag hoe groot het aandeel is van de vreemdeling in het gepleegde delict waardoor hij een gevaar voor de gemeenschap vormt.