De IND beoordeelt de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel van Ugandese LHBTIQ+ op basis van de individuele omstandigheden, afgezet tegen de positie van deze groep in Uganda.
De IND beoordeelt of de vreemdeling aannemelijk heeft gemaakt dat hij behoort tot deze groep en dat hij – met in achtneming van het beleid dat volgt uit paragraaf C3/3.2.3 Vc – bij terugkeer wordt blootgesteld aan vervolging.
Gelet op de zeer fragiele positie van LHBTIQ+ in Uganda, ook als gevolg van de ondertekening van de anti-homoseksualiteitswet, betekent dit dat de IND aan Ugandese LHBTIQ+ een verblijfsvergunning asiel op grond van artikel 29, eerste lid, Vw verleent, tenzij contra-indicaties de verlening van een verblijfsvergunning asiel in de weg staan.