De burgemeester kan overeenkomstig artikel 154a van de Gemeentewet besluiten tot het tijdelijk doen ophouden van door hem aangewezen groepen van personen op een door hem aangewezen plaats indien deze personen het bepaalde in de navolgende artikelen groepsgewijs niet naleven:
artikel 2.1.1.1, eerste tot en met derde lid;
artikel 2.1.5.1, eerste en derde lid;
artikel 2.1.5.2, eerste lid;
artikel 2.1.6.4;
artikel 2.1.6.7, eerste lid;
artikel 2.1.6.7a, eerste lid;
artikel 2.1.6.10, eerste lid;
artikel 2.2.3, eerste tot en met derde lid;
artikel 2.4.2, eerste lid;
artikel 2.4.8, eerste lid;
artikel 2.4.10, eerste lid;
artikel 2.4.10a, eerste lid;
artikel 2.4.11, eerste lid;
artikel 2.4.12, eerste en tweede lid;
artikel 2.4.13;
artikel 2.6.2, eerste en tweede lid;
artikel 5.5.1, eerste lid; of
artikel 5.7.3, eerste tot en met derde lid.