1. Het is verboden een seksinrichting of escortbedrijf te exploiteren of te wijzigen zonder vergunning van het bevoegde bestuursorgaan.

  2. In de aanvraag om vergunning en de vergunning wordt in ieder geval vermeld:

    1. door welke persoon de seksinrichting of het escortbedrijf zal worden geëxploiteerd;

    2. door welke perso(o)n(en) de seksinrichting of escortbedrijf zal worden beheerd;

    3. de aard van de seksinrichting of het escortbedrijf;

    4. het aantal werkplekken in de seksinrichting;

    5. het aantal werkzame prostituees;

    6. de plaatselijke en kadastrale ligging van de seksinrichting door middel van een situatietekening met een schaal van ten minste 1:100;

    7. de plattegrond van de seksinrichting door middel van een tekening met een schaal van ten minste 1:100;

    8. bewijs van inschrijving in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel;

    9. bewijs waaruit blijkt dat de exploitant gerechtigd is tot het gebruik van de ruimte bestemd voor de seksinrichting of het escortbedrijf.

  3. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing.