1. De burgemeester kan bij een handelen in strijd met het bepaalde in artikel 2.3.1.2 of artikel 2.3.1.7, vierde lid, de openbare inrichting, al dan niet voor een bepaalde termijn, gesloten verklaren.

  2. De sluiting wordt geacht openbaar bekend te zijn zodra een afschrift van het bevel tot sluiting op of nabij de toegang of de toegangen van de openbare inrichting is aangebracht.

  3. Zolang het bevel tot sluiting van kracht is, is het verboden bezoekers tot de inrichting toe te laten of daarin te laten verblijven en is het verboden deze inrichting als bezoeker te betreden of daarin als bezoeker te verblijven.

  4. Het in dit artikel bepaalde is niet van toepassing op situaties waarin artikel 13b Opiumwet voorziet.