Algemene Plaatselijke Verordening voor Arnhem BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
Hoofdstuk Algemene Bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde
Afdeling Orde en veiligheid op de weg
Afdeling Betaald-voetbalwedstrijden
Afdeling Toezicht op openbare inrichtingen
Afdeling Maatregelen ter voorkoming van overlast, drugsoverlast, gevaar of schade
Afdeling Bepalingen ter bestrijding van heling van goederen
Afdeling Vuurwerk
Afdeling Bestuurlijke ophouding
Afdeling Preventief fouilleren
Afdeling Cameratoezicht
Hoofdstuk Seksinrichtingen, sekswinkels, straatprostitutie e.d.
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijke aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding der gemeente
Hoofdstuk Straf, overgangs- en slotbepalingen

Afdeling

Evenementen

Artikel 5.7.1

Definities

  1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van:

    1. bioscoop- en theatervoorstellingen;

    2. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet;

    3. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;

    4. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

    5. activiteiten als bedoeld in de artikelen 2.1.4.2, 2.2.1 en 2.3.3.1.

    6. sportwedstrijden, niet zijnde vechtsportevenementen als bedoeld in het tweede lid, onder f.

  2. Onder evenement wordt mede verstaan:

    1. een herdenkingsplechtigheid;

    2. een braderie;

    3. een optocht op de weg, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2.1.2.1;

    4. een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg;

    5. een straatfeest of buurtbarbecue;

    6. een door de burgemeester aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of -gala’s.

  3. In deze afdeling worden de volgende evenementen onderscheiden:

    1. 0- evenement: evenement met een laag risicoprofiel, waarvoor geen vergunning hoeft te worden aangevraagd. Het bezoekersaantal bedraagt maximaal 250 mensen;

    2. A- evenement: laag risico-evenement, waarbij sprake is van een beperkte impact op de omgeving en het verkeer;

    3. B- evenement: gemiddeld risico-evenement, waarbij sprake is van een grote impact op de directe omgeving en/of gevolgen voor het verkeer;

    4. C- evenement: hoog risico-evenement, waarbij sprake is van een grote impact op de stad en/of regionale gevolgen voor het verkeer.

  4. Onder evenementenkalender wordt in deze afdeling verstaan een door de burgemeester vast te stellen lijst met A-, B- en C-evenementen die in een kalenderjaar plaatsvinden.

Artikel 5.7.2

Vergunningsplicht

  1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren (evenementenvergunning).

  2. Geen vergunning als bedoeld in artikel 5.7.2, eerste lid is vereist voor een 0-evenement, als de organisator tenminste acht werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester en het evenement voldoet aan de volgende vereisten:

    • het gedurende het evenement verwachte gelijktijdig aantal aanwezigen bedraagt niet meer dan 249 personen;

    • er wordt voldaan aan de eisen gesteld aan het geluidsniveau zoals neergelegd in nadere regels van het college;

    • het evenement vindt plaats tussen 07.00 en 24.00 uur;

    • het is een eendaags evenement;

    • het evenement vindt niet plaats op de rijbaan, (brom)fietspad, het voetgangersgebied in de binnenstad, in een bos, tijdens het broedseizoen van 1 maart tot 15 augustus in een park of vormt anderszins geen belemmering voor het verkeer en de hulpdiensten;

    • er is een organisator;

    • het voornemen tot het houden van een evenement wordt voorafgaand aan het evenement schriftelijk of via een speciale sectie van de gemeentelijke website aan de burgemeester gemeld; de organisator ontvangt via e-mail een ontvangstbevestiging;

    • de melding bevat de naam van de organisator, het verwachte maximum aantal bezoekers op enig moment en gedurende het gehele evenement, de locatie, de tijdstippen van begin en einde en de aard van het evenement;

    • er worden bij het evenement geen dieren gebruikt los van de dieren die onderdeel uitmaken van de dagelijkse bedrijfsvoering;

    • er is geen eerdere melding ontvangen voor het houden van een 0-evenement voor dezelfde datum, tijd en locatie;

    • er is ten behoeve van het evenement geen artikel 35 ontheffing van de Alcoholwet nodig voor het verstrekken van zwak-alcoholische dranken.

  3. In bijzondere gevallen kan de burgemeester ten gunste van de melder van meldingstermijn afwijken.

  4. De burgemeester kan binnen vijf werkdagen na ontvangst van de melding als bedoeld in het tweede lid van dit artikel besluiten een 0-evenement te verbieden, als er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt.

  5. Geen vergunning als bedoeld in artikel 5.7.2, eerste lid, en geen melding als bedoeld in artikel 5.7.2, tweede lid, is vereist voor een 0-evenement waarbij gelijktijdig maximaal 20 personen aanwezig zijn, mits voldaan wordt aan de overige vereisten genoemd in artikel 5.7.2, tweede lid.

  6. Het tweede lid is niet van toepassing op een krachtens artikel 5.7.1, tweede lid, onder f, aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of -gala’s.

  7. Het verbod als bedoeld in het eerste lid is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148 van de Wegenverkeerswet 1994.

  8. De burgemeester kan bij openbare kennisgeving bepalen dat één of meer (categorieën van) evenementen zijn vrijgesteld van de vergunningplicht zoals bedoeld in het eerste lid.

  9. De burgemeester kan bij openbare kennisgeving gebouwen, locaties en gebieden aanwijzen waar het houden van één of meer (categorieën van) evenementen voor een periode van maximaal twee jaar is vrijgesteld van de vergunningplicht zoals bedoeld in het eerste lid.

  10. De burgemeester kan besluiten de categorie van het evenement aan te passen indien de feiten en omstandigheden hiertoe nopen.

Artikel 5.7.3

Evenementenvergunning

  1. Een aanvraag voor een evenementenvergunning wordt minimaal voor de onderstaande termijn ingediend bij de burgemeester:

    A-evenement vier weken voor aanvang van het evenement;

    B-evenement acht weken voor aanvang van hte evenement;

    C-evenement twaalf weken voor aanvang van het evenement.

    In bijzondere gevallen kan de burgemeester ten gunste van de aanvrager van deze bepaling afwijken.

  2. Een evenementenvergunning wordt verleend aan een organisator en bevat een beschrijving van het gebied waarbinnen het evenement plaatsvindt (evenemententerrein), het tijdstip en de duur van het evenement, alsmede een beschrijving van de activiteiten en handelingen die in het kader van het evenement mogen plaatsvinden.

  3. Activiteiten, die deel uitmaken van een evenementenvergunning, zijn niet afzonderlijk vergunningsplichtig uit hoofde van andere gemeentelijke publiekrechtelijke regelingen.

  4. Op het evenemententerrein mogen geen activiteiten plaatsvinden die op grond van deze of een andere gemeentelijke verordening vergunningsplichtig zijn, tenzij die activiteiten zijn vermeld in de evenementenvergunning.

  5. Tenzij de burgemeester anders bepaalt geldt het verbod in het vierde lid niet voor activiteiten waarvan aannemelijk is dat zij krachtens een voor onbepaalde tijd, dan wel voor een periode langer dan drie maanden verleende vergunning ook op het evenemententerrein zouden plaatsvinden als daar geen evenement zou worden gehouden.

  6. Bij de indiening van de vergunningaanvraag worden de gegevens, bedoeld in artikel 2.3 van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, aangeleverd voor zover voor het evenement een gebruiksmelding zou moeten worden gedaan op grond van artikel 2.1, eerste lid, van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen.

  7. Een beslissing op een aanvraag voor een evenement wordt opgeschort, indien de milieuwetgeving eisen stelt aan het betreffende evenement en zolang de organisator niet heeft voldaan aan die eisen.

  8. De burgemeester kan een vergunning weigeren, indien:

    1. er, gelet op de aard van het evenement, onevenredig veel beslag wordt gelegd op de openbare ruimte, gemeentelijke diensten of hulpdiensten;

    2. het aantal bezoekers dat wordt verwacht onevenredig veel beslag legt op de ruimte, gemeentelijke diensten of hulpdiensten;

    3. de aard van het evenement zich niet verdraagt met het karakter of de bestemming van de gevraagde locatie;

    4. er gevaar bestaat voor de openbare orde, zedelijkheid, gezondheid of veiligheid, waaronder de brandveiligheid en het belang van het voorkomen van wanordelijkheden;

    5. er gevaar bestaat voor ernstige verkeersbelemmeringen;

    6. er gevaar bestaat voor een onaanvaardbare belasting voor de omgeving als gevolg van het evenement;

    7. de organisator onvoldoende waarborgen biedt voor een goed verloop van het evenement;

    8. de organisator onvoldoende waarborgen biedt om schade aan het milieu te voorkomen dan wel zoveel mogelijk te beperken;

    9. er gevaar bestaat voor verontreiniging;

    10. er gevaar bestaat voor de beschadiging van gemeentelijke dan wel particuliere eigendommen;

    11. de organisator niet aantoont dat hij voldoet aan de eisen van de milieuwetgeving, indien van toepassing;

    12. er één of meer aanvragen voor samenlopende concurrerende evenementen zijn ingediend;

    13. de weigering in het belang van een krachtens de Gemeentewet ingestelde markt is;

    14. onvoldoende aannemelijk is dat voldaan wordt aan de eisen die het college in nadere regels stelt aan het geluidsniveau van het programma tijdens het evenement indien het Activiteitenbesluit milieubeheer, zoals dat besluit luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtredingvan de Omgevingswet, niet van toepassing is.

  9. De burgemeester kan ter verzekering van de nakoming van de voorschriften in de vergunning bepalen dat een waarborgsom moet worden voldaan voordat het evenement wordt gehouden.

  10. De burgemeester is bevoegd tot het vaststellen van de evenementenkalender.

  11. De burgemeester kan ter regulering van het evenement aan de vergunning voorschriften verbinden die betrekking hebben op het geluidsniveau van het programma tijdens het evenement, voor zover het Activiteitenbesluit milieubeheer, zoals dat besluit luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtredingvan de Omgevingswet, niet van toepassing is. Hiervoor stelt het college nadere regels vast.

  12. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing.

Artikel 5.7.4

Behoud privaatrechtelijke bevoegdheden (gebruiksovereenkomst)

De voorgaande artikelen laten onverlet de bevoegdheid van de gemeente om voorwaarden te stellen aan het gebruik van gemeentegrond of openbaar water als evenemententerrein. Het sluiten van een gebruiksovereenkomst kan als voorwaarde in de evenementenvergunning worden opgenomen. In deze gebruiksovereenkomst kunnen onder meer voorwaarden worden opgenomen die zien op de in art 5.7.3, achtste lid genoemde belangen.

Artikel 5.7.5

Ordeverstoring

Het is verboden bij een evenement de orde te verstoren.

Artikel 5.7.6

Onnodig opdringen, uitdagend gedrag e.d. bij een evenement

  1. Het is verboden bij een evenement onnodig op te dringen, door uitdagend gedrag aanleiding te geven tot wanordelijkheden of wanordelijkheden te veroorzaken.

  2. Het is verboden bij een evenement messen, knuppels, slagwapens of andere voorwerpen die als wapen kunnen worden gebruikt, op een zodanige wijze mee te voeren dat de openbare orde of veiligheid in gevaar kan komen.

  3. Een ieder is verplicht bij een evenement alle aanwijzingen van ambtenaren van politie en brandweer in het belang van de openbare orde of veiligheid terstond en stipt op te volgen.

  4. Het in het tweede lis gesteld everbod geldt niet voor wapens behorende tot de categorieën I, II, III en IV Wet wapens en munitie en voor zover door het bij zich dragen van deze voorwerpen de openbare orde of eviligheid niet in gevaar komt of kan komen.

← terug naar Algemene Plaatselijke Verordening voor Arnhem