Besluit activiteiten leefomgeving Actueel

Inhoud

§ 4.36

Tanken en opslaan van LNG

Artikel 4.477

  1. Deze paragraaf is van toepassing op het tanken van voertuigen, vaartuigen of werktuigen met LNG.

  2. Als voertuigen, vaartuigen of werktuigen met LNG worden getankt, is deze paragraaf ook van toepassing op het daarnaast opslaan van LNG.

Artikel 4.478

  1. Met het oog op het waarborgen van de veiligheid wordt bij het tanken van voertuigen en werktuigen voldaan aan PGS 33-1.

  2. Bij het tanken van vaartuigen en drijvende werktuigen wordt voldaan aan PGS 33-2.

Artikel 4.479

  1. LNG wordt getankt in een brandstofreservoir dat is bevestigd aan een voertuig, vaartuig of werktuig en dat is bedoeld voor de aandrijving daarvan en de berging van LNG.

  2. Gasflessen en wisselreservoirs worden niet getankt met LNG.

  3. LNG kan worden getankt in het reservoir van een LNG-tankwagen, als de opslagtank voor LNG leeg wordt gemaakt.

Artikel 4.480

  1. Met het oog op het waarborgen van de veiligheid wordt in een opslagtank voor LNG alleen LNG of vloeibare stikstof voor het inkoelen of inertiseren van de opslagtank opgeslagen.

  2. In een tijdelijk opgestelde opslagtank voor LNG wordt geen LNG opgeslagen.

← terug naar Besluit activiteiten leefomgeving