Besluit activiteiten leefomgeving

Inhoud

Artikel 11.86

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 11-07-2026.
Deze versie geldt vanaf 11-07-2026.
  1. Eendenkooien worden alleen gebruikt als daartoe met goed gevolg een door Onze Minister voor Natuur en Stikstof erkend examen is afgelegd.

  2. Een eendenkooi voldoet aan de volgende voorwaarden:

    1. er is een open wateroppervlakte aanwezig van ten minste 200 m2, waarin een cirkel met een straal van ten minste 7,50 m kan worden beschreven;

    2. het water is ten minste 50 cm diep;

    3. rondom het water ligt een rand van bos of struweel; en

    4. in open verbinding met het water is ten minste één vangpijp aanwezig die onmiddellijk als vangmiddel kan worden gebruikt.

  3. Met een eendenkooi gevangen dieren worden onverwijld na het vangen in vrijheid gesteld of gedood.

  4. De eigenaar van een eendenkooi gebruikt voor de afpaling van de eendenkooi palen die zijn voorzien van het opschrift «Eendenkooi van x, met recht van afpaling op y m, gerekend uit het midden der kooi», waarbij wordt ingevuld voor:

    1. x: de naam van de eigenaar van de eendenkooi;

    2. y: het aantal meters waarop het afpalingsrecht betrekking heeft.

  5. Het eerste lid is niet van toepassing als de gebruiker van de eendenkooi vanwege het met gunstig gevolg behalen van een krachtens de Jachtwet erkend jachtexamen:

    1. in de periode van 1 januari 1977 tot en met 31 maart 2002 een jachtakte als bedoeld in de Jachtwet is uitgereikt; of

    2. in de periode van 1 april 2002 tot en met 30 september 2004 een jachtakte als bedoeld in de Flora- en faunawet is uitgereikt.

11-07-2026 Huidig 01-07-2026 Historisch 01-01-2026 Historisch 30-12-2025 Historisch 20-09-2025 Historisch 18-08-2025 Historisch 01-07-2025 Historisch 18-06-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 26-10-2024 Historisch 02-10-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 07-05-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-01-2024.

Tekst van deze versie

  1. Eendenkooien worden alleen gebruikt als daartoe met goed gevolg een door Onze Minister voor Natuur en Stikstof erkend examen is afgelegd.

  2. Een eendenkooi voldoet aan de volgende voorwaarden:

    1. er is een open wateroppervlakte aanwezig van ten minste 200 m2, waarin een cirkel met een straal van ten minste 7,50 m kan worden beschreven;

    2. het water is ten minste 50 cm diep;

    3. rondom het water ligt een rand van bos of struweel; en

    4. in open verbinding met het water is ten minste één vangpijp aanwezig die onmiddellijk als vangmiddel kan worden gebruikt.

  3. Met een eendenkooi gevangen dieren worden onverwijld na het vangen in vrijheid gesteld of gedood.

  4. De eigenaar van een eendenkooi gebruikt voor de afpaling van de eendenkooi palen die zijn voorzien van het opschrift «Eendenkooi van x, met recht van afpaling op y m, gerekend uit het midden der kooi», waarbij wordt ingevuld voor:

    1. x: de naam van de eigenaar van de eendenkooi;

    2. y: het aantal meters waarop het afpalingsrecht betrekking heeft.

  5. Het eerste lid is niet van toepassing als de gebruiker van de eendenkooi vanwege het met gunstig gevolg behalen van een krachtens de Jachtwet erkend jachtexamen:

    1. in de periode van 1 januari 1977 tot en met 31 maart 2002 een jachtakte als bedoeld in de Jachtwet is uitgereikt; of

    2. in de periode van 1 april 2002 tot en met 30 september 2004 een jachtakte als bedoeld in de Flora- en faunawet is uitgereikt.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Besluit activiteiten leefomgeving