Besluit activiteiten leefomgeving Actueel

Inhoud

Afdeling 17.3

Certificatie van zuiveringsvoorzieningen

Artikel 17.19

Deze afdeling gaat over het verstrekken van certificaten voor zuiveringsvoorzieningen.

Artikel 17.20

Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat kan op aanvraag een erkenning verlenen aan een certificatie-instantie voor het verstrekken van certificaten voor zuiveringsvoorzieningen.

Artikel 17.21

Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat verleent de erkenning als de certificatie-instantie:

  1. is geaccrediteerd volgens NEN-EN-ISO/IEC 17065; en

  2. in staat is op deskundige en onafhankelijke wijze te beoordelen of de zuiveringsvoorziening voldoet aan de grenswaarden, bedoeld in artikel 17.25, eerste lid, onder a.

Artikel 17.22

Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat houdt een lijst bij van erkende certificatie-instanties en stelt die beschikbaar via een aangewezen website. Het besluit tot aanwijzing van de website wordt in de Staatscourant gepubliceerd.

Artikel 17.23

Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat kan een erkenning intrekken:

  1. als de certificatie-instantie niet meer voldoet aan artikel 17.21;

  2. als blijkt dat de erkenning is verleend op grond van onjuiste gegevens en bescheiden en de erkenning niet zou zijn verleend als de juiste gegevens en bescheiden op het moment van verlening bekend zouden zijn geweest; of

  3. op verzoek van de erkende certificatie-instantie.

Artikel 17.24

Een erkende certificatie-instantie stelt een procedure vast waarmee aan een fabrikant van zuiveringsvoorzieningen in ieder geval wordt gevraagd gegevens en bescheiden te verstrekken over:

  1. het ontwerp, de kenmerken en de prestaties van de zuiveringsvoorziening;

  2. de onderdelen en de afstellingen die van invloed zijn op de effectiviteit van de toiletwaterzuivering; en

  3. wijzigingen in de gegevens en bescheiden, bedoeld onder a en b.

Artikel 17.25

  1. De erkende certificatie-instantie verstrekt een certificaat van typegoedkeuring voor een zuiveringsvoorziening als:

    1. het toiletwater nadat het door de zuiveringsvoorziening is geleid niet de grenswaarden, bedoeld in tabel 17.25, overschrijdt, vastgesteld met een meting volgens artikel 17.26;

    2. tijdens het testen van de zuiveringsvoorziening niet is gebleken dat aan het gebruik ervan significante risico’s voor de gezondheid, de veiligheid of het milieu zijn verbonden;

    3. de zuiveringsvoorziening overeenstemt met de gegevens en bescheiden, bedoeld in artikel 17.24; en

    4. via de zuiveringsvoorziening geen toiletwater kan worden geloosd als deze is uitgeschakeld of niet in bedrijf is.

  2. De erkende certificatie-instantie neemt in het certificaat voorwaarden op met betrekking tot het functioneren van de zuiveringsvoorziening BBT die moeten zijn vervuld voordat een zuiveringsvoorziening voldoet aan de grenswaarden, bedoeld in tabel 17.25.

Artikel 17.26

  1. De erkende certificatie-instantie meet als volgt:

    1. de test wordt verricht en het door de zuiveringsvoorziening geleide toiletwater wordt bemonsterd volgens bijlage XI;

    2. het bemonsterde toiletwater wordt op intestinale enterokokken geanalyseerd volgens NEN-EN-ISO 7899-1 of NEN-EN-ISO 7899-2 en op Escherichia coli geanalyseerd volgens NEN-EN-ISO 9308-3 of NEN-EN-ISO 9308-1.

  2. Bij het beoordelen of aan de grenswaarden, bedoeld in artikel 17.25, eerste lid, wordt voldaan, wordt gebruik gemaakt van de 90-percentielwaarde van de gemeten bacterietelling per gegevensreeks.

  3. Bij een normale waarschijnlijkheidsverdeling van log10 van de gemeten waarden wordt de 90-percentielwaarde als volgt afgeleid:

    1. neem de log10-waarde van alle bacterietellingen in de te beoordelen gegevensreeks, en als het resultaat een nulwaarde is, neem dan de log10-waarde van de minimum detectielimiet van de gebruikte analytische methode;

    2. bepaal het rekenkundig gemiddelde van de log10-waarden (μ); en

    3. bepaal de standaardafwijking van de log10-waarden (σ); waarbij het hoogste 90-percentielpunt van de waarschijnlijkheidsverdeling van de gegevens wordt berekend met de volgende vergelijking: hoogste 90-percentiel = antilog (μ + 1,282 σ).

Artikel 17.27

Een certificaat van typegoedkeuring kan door de erkende certificatie-instantie worden ingetrokken als:

  1. blijkt dat het certificaat is verstrekt op grond van onjuiste gegevens en bescheiden en het niet zou zijn verstrekt als de juiste gegevens en bescheiden op het moment van verstrekking bekend zouden zijn geweest;

  2. het certificaat om een andere reden ten onrechte is verstrekt;

  3. in het certificaat onbevoegd wijzigingen zijn aangebracht; of

  4. na verstrekking blijkt dat er significante risico’s zijn verbonden aan het gebruik van de zuiveringsvoorziening voor de gezondheid, de veiligheid of het milieu.

Artikel 17.28

De erkende certificatie-instantie kan de meting, bedoeld in artikel 17.26, eerste lid, laten verrichten door een laboratorium of andere instantie:

  1. met een accreditatie volgens NEN-EN-ISO/IEC 17025; en

  2. die geen fabrikant is van zuiveringsvoorzieningen.

← terug naar Besluit activiteiten leefomgeving