Besluit activiteiten leefomgeving Actueel

Inhoud

§ 15.2.1

Badwaterbassins waarin het water wordt gedesinfecteerd

Artikel 15.12

Deze paragraaf is van toepassing op het gelegenheid bieden tot zwemmen of baden in een badwaterbassin waarin het water wordt gedesinfecteerd.

Artikel 15.13

Het is verboden de activiteit, bedoeld in artikel 15.12, te verrichten zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden.

Artikel 15.14

Bij het verrichten van de activiteit, bedoeld in artikel 15.12, wordt voldaan aan de regels over de risicoanalyse, het beheersplan en het registreren van incidenten, bedoeld in afdeling 15.3.

Artikel 15.15

  1. Met het oog op het waarborgen van de waterkwaliteit wordt een badwaterbassin gevuld met water dat voldoet aan de kwaliteitseisen voor drinkwater, bedoeld in bijlage A bij het Drinkwaterbesluit.

  2. Een badwaterbassin wordt aangevuld met:

    1. water dat voldoet aan de kwaliteitseisen voor drinkwater, bedoeld in bijlage A bij het Drinkwaterbesluit; of

    2. water dat voldoet aan de kwaliteitseisen, bedoeld in artikel 15.16.

Artikel 15.16

  1. Met het oog op het waarborgen van de waterkwaliteit in een gevuld badwaterbassin worden maatregelen getroffen om te voldoen aan de kwaliteitseisen, bedoeld in tabel 15.16.

  2. In afwijking van het eerste lid is de kwaliteitseis:

    1. voor ureum in een badwaterbassin met een zoutgehalte hoger dan 14 g/l een toename van ten hoogste 2,0 mg/l ten opzichte van de concentratie die is gemeten direct na het vullen van het badwaterbassin; en

    2. voor kaliumpermanganaatverbruik niet van toepassing in een badwaterbassin met een zoutgehalte hoger dan 14 g/l.

  3. Aan het water wordt geen cyanuurzuur toegevoegd.

  4. Bij gebruik van ozon voor de waterbehandeling wordt voorkomen dat ozon in het badwaterbassin terechtkomt.

Artikel 15.17

Het bevoegd gezag, bedoeld in artikel 15.3, wordt onverwijld geïnformeerd over het overschrijden van de kwaliteitseis voor Legionella.

Artikel 15.18

  1. Op het onderzoeken van watermonsters is van toepassing:

    1. voor vrij chloor, berekend als elementair chloor: NEN-EN-ISO 7393-2;

    2. voor gebonden chloor, berekend als elementair chloor: NEN-EN-ISO 7393-2;

    3. voor zuurgraad: NEN-EN-ISO 10523;

    4. voor bromaat: NEN-EN-ISO 15061;

    5. voor chloraat: NEN-EN-ISO 10304-4;

    6. voor chloride: NEN-ISO 15923-1 of NEN-EN-ISO 10304-1;

    7. voor kaliumpermanganaatverbruik: NEN-EN-ISO 8467;

    8. voor nitraat: NEN-ISO 15923-1, NEN-ISO 7890-3, NEN-EN-ISO 10304-1 of NEN-EN-ISO 13395;

    9. voor de som van trihalomethanen, berekend als chloroform: NEN-EN-ISO 15680;

    10. voor troebelheid: NEN-EN-ISO 7027-1 of NEN-EN-ISO 7027-2;

    11. voor ureum: NEN 6494;

    12. voor waterstofcarbonaat: NEN 6531;

    13. voor intestinale enterococcen: NEN-EN-ISO 7899-2;

    14. voor Legionella: NEN-EN-ISO 11731;

    15. voor Pseudomonas aeruginosa: NEN-EN-ISO 16266; en

    16. voor sporen van sulfietreducerende Clostridia: NEN-ISO 6461-2.

  2. Op doorzicht wordt visueel geïnspecteerd.

Artikel 15.19

  1. Er wordt in elk badwaterbassin bemonsterd op:

    1. vrij chloor, berekend als elementair chloor;

    2. gebonden chloor, berekend als elementair chloor;

    3. zuurgraad;

    4. troebelheid;

    5. intestinale enterococcen;

    6. Pseudomonas aeruginosa; en

    7. sporen van sulfietreducerende Clostridia.

  2. Als meerdere badwaterbassins op een circulatiesysteem aan elkaar zijn geschakeld, wordt in het badwaterbassin met de grootste inhoud van die badwaterbassins bemonsterd op:

    1. bromaat;

    2. chloraat;

    3. chloride;

    4. kaliumpermanganaatverbruik;

    5. nitraat;

    6. ureum;

    7. waterstofcarbonaat; en

    8. de som van trihalomethanen, berekend als chloroform.

  3. Er wordt op de parameters, bedoeld in het eerste en tweede lid, bemonsterd op locaties waar redelijkerwijs kan worden aangenomen dat het, vanuit het oogmerk van bescherming van de gebruiker, meest ongunstige resultaat wordt gemeten.

  4. Op doorzicht wordt geïnspecteerd in elk badwaterbassin op een locatie waarop redelijkerwijs kan worden aangenomen dat het, vanuit het oogmerk van bescherming van de gebruiker, meest ongunstige resultaat wordt gemeten.

  5. De locaties, bedoeld in het derde en vierde lid, worden vastgelegd in het beheersplan, bedoeld in artikel 15.64.

Artikel 15.20

  1. Er wordt dagelijks gemeten op vrij chloor, berekend als elementair chloor, gebonden chloor, berekend als elementair chloor, zuurgraad en doorzicht:

    1. binnen een half uur voor openstelling van het badwaterbassin; en

    2. ten minste een keer tijdens de tweede helft van de openstelling van het badwaterbassin.

  2. De momenten, bedoeld in het eerste lid, worden vastgelegd in het beheersplan, bedoeld in artikel 15.64.

  3. De uitkomsten van de metingen en de eventueel naar aanleiding daarvan getroffen maatregelen worden vastgelegd in een logboek en worden ten minste 2 jaar bewaard.

Artikel 15.21

  1. De metingen in dit artikel worden verricht door een laboratorium met een accreditatie volgens NEN-EN-ISO/IEC 17025 voor de norm die volgens artikel 15.18 van toepassing is op de parameter die wordt gemeten.

  2. Er wordt maandelijks gemeten op:

    1. vrij chloor, berekend als elementair chloor:

    2. gebonden chloor, berekend als elementair chloor;

    3. zuurgraad;

    4. doorzicht;

    5. troebelheid;

    6. chloride;

    7. kaliumpermanganaatverbruik;

    8. nitraat;

    9. ureum;

    10. waterstofcarbonaat;

    11. intestinale enterococcen;

    12. Pseudomonas aeruginosa; en

    13. sporen van sulfietreducerende Clostridia.

  3. Er wordt één keer per drie maanden gemeten op de volgende stoffen, waarbij deze periode met ten hoogste zes weken kan worden verlengd als het badwaterbassin na deze verlenging wordt gesloten:

    1. bromaat;

    2. chloraat; en

    3. de som van trihalomethanen, berekend als chloroform.

    Deze periode van drie maanden kan met ten hoogste zes weken worden verlengd als het badwaterbassin na deze verlenging wordt gesloten.

  4. Bij de vorming van waternevel wordt één keer per half jaar gemeten op Legionella. Deze periode van een half jaar kan met ten hoogste een maand worden verlengd als het badwaterbassin na deze verlenging wordt gesloten.

Artikel 15.22

Met het oog op het waarborgen van de kwaliteit van de binnenlucht worden in een gesloten ruimte bij een badwaterbassin maatregelen getroffen om te voldoen aan de kwaliteitseisen, bedoeld in tabel 15.22.

Tabel 15.22 Kwaliteitseisen lucht

Parameter of parametergroep

Kwaliteitseis

Ozon

≤ 120 μg/m3 lucht

Trichlooramine, berekend als elementair chloor

≤ 500 μg/m3 lucht

Artikel 15.23

Op het onderzoeken van luchtmonsters is van toepassing:

  1. voor ozon: NEN-EN 14625; en

  2. voor trichlooramine, berekend als elementair chloor: INRS 007/V01.01, waarbij de monsters ten minste 1 uur op 1,5 m vanaf de vloer worden genomen.

Artikel 15.24

  1. Bij gebruik van ozon voor de waterbehandeling wordt in elke zwemzaal bemonsterd op ozon op een locatie waar redelijkerwijs kan worden aangenomen dat het, vanuit het oogmerk van bescherming van de gebruiker, meest ongunstige resultaat wordt gemeten.

  2. Er wordt bemonsterd op trichlooramine in de zwemzaal waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat het, vanuit het oogmerk van bescherming van de gebruiker, meest ongunstige resultaat wordt gemeten, op de locatie waarop redelijkerwijs kan worden aangenomen dat het, vanuit het oogmerk van bescherming van de gebruiker, meest ongunstige resultaat wordt gemeten.

  3. De locaties, bedoeld in het eerste en tweede lid, worden vastgelegd in het beheersplan, bedoeld in artikel 15.64.

Artikel 15.25

  1. De metingen in dit artikel worden verricht door een laboratorium met een accreditatie volgens NEN-EN-ISO/IEC 17025 voor de norm die volgens artikel 15.23 van toepassing is op de parameter die wordt gemeten.

  2. Er wordt één keer per drie maanden gemeten op ozon. Deze periode kan met ten hoogste zes weken worden verlengd als het badwaterbassin na deze verlenging wordt gesloten.

  3. Er wordt jaarlijks gemeten op trichlooramine, berekend als elementair chloor.

Artikel 15.26

  1. Tabel 15.26 bevat een indeling van parameters in de klassen I tot en met III.

  2. Het badwaterbassin wordt gesloten als uit een meting als bedoeld in artikel 15.20, 15.21 of 15.25 volgt dat:

    1. niet wordt voldaan aan de kwaliteitseis voor een parameter ingedeeld in klasse I;

    2. twee keer achtereen niet wordt voldaan aan de kwaliteitseis voor een parameter ingedeeld in klasse II; en

    3. drie keer achtereen niet wordt voldaan aan de kwaliteitseis voor een parameter ingedeeld in klasse III.

  3. In afwijking van het tweede lid kan het badwaterbassin open blijven, als:

    1. bij een overschrijding van de bovengrens voor vrij chloor, de kwaliteitseis voor gebonden chloor, zuurgraad of doorzicht of een onderschrijding van de ondergrens voor vrij chloor binnen 30 minuten na constatering van de overschrijding kan worden voldaan aan de kwaliteitseis voor die parameter en er in die 30 minuten geen risico’s voor de gezondheid van de gebruikers zijn;

    2. bij een overschrijding van de kwaliteitseis voor Legionella de vorming van waternevel wordt gestopt; of

    3. bij een overschrijding van de kwaliteitseis voor ozon in de lucht de ozongenerator wordt uitgeschakeld.

  4. Als het gaat om een overschrijding van de bovengrens voor vrij chloor, de kwaliteitseis voor gebonden chloor, zuurgraad of doorzicht of een onderschrijding van de ondergrens voor vrij chloor, wordt het badwaterbassin niet eerder heropend dan nadat uit een meting volgt dat wordt voldaan aan de kwaliteitseis voor die parameter.

  5. Als het gaat om een overschrijding van een parameter als bedoeld in tabel 15.16 en 15.22, anders dan die, bedoeld in het vierde lid, wordt het badwaterbassin niet eerder heropend dan nadat uit een meting door een laboratorium met een accreditatie volgens NEN-EN-ISO/IEC 17025 voor de norm die volgens artikel 15.18 of 15.23 van toepassing is op de parameter die wordt gemeten, volgt dat wordt voldaan aan de kwaliteitseis voor die parameter.

Artikel 15.27

Uiterlijk de vijftiende dag van elke maand worden aan het bevoegd gezag, bedoeld in artikel 15.3, de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:

  1. de resultaten van de metingen, bedoeld in de artikelen 15.21, 15.25 en 15.26, vijfde lid, die in de voorafgaande maand zijn verricht;

  2. de datum, het tijdstip en de locatie van die metingen; en

  3. de naam en het adres van het laboratorium dat die metingen heeft verricht.

Artikel 15.28

  1. Tot 1 januari 2025 hoeft in afwijking van artikel 15.16 niet te worden voldaan aan de kwaliteitseisen voor:

    1. bromaat;

    2. chloraat;

    3. chloride;

    4. nitraat;

    5. waterstofcarbonaat;

    6. de som van trihalomethanen, berekend als chloroform;

    7. intestinale enterococcen; en

    8. sporen van sulfietreducerende Clostridia.

  2. Tot 1 januari 2025 hoeft in afwijking van artikel 15.22 niet te worden voldaan aan de kwaliteitseisen voor:

    1. ozon; en

    2. trichlooramine, berekend als elementair chloor.

Artikel 15.29

Tot 1 januari 2025 is in afwijking van artikel 15.18 op het onderzoeken van watermonsters van toepassing:

  1. voor vrij chloor: NEN 6480;

  2. voor gebonden chloor: NEN 6480;

  3. voor zuurgraad: NEN 6411;

  4. voor troebelheid: NEN-ISO 7027;

  5. voor Legionella: NEN 6265; en

  6. voor Pseudomonas aeruginosa: NEN 6573.

← terug naar Besluit activiteiten leefomgeving