-
Deze paragraaf is van toepassing op het mechanisch bewerken van steen.
-
Deze paragraaf is niet van toepassing op het mobiel breken van bouwafval en sloopafval, bedoeld in afdeling 7.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving.
Besluit activiteiten leefomgeving Actueel
Inhoud
§ 4.19
Artikel 4.305
-
Het is verboden de milieubelastende activiteit, bedoeld in artikel 4.304, te verrichten zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden.
-
Een melding bevat een opsomming van de steensoorten die worden bewerkt.
-
Ten minste vier weken voordat de activiteit op een andere manier wordt verricht dan overeenkomstig die gegevens, wordt een melding gedaan.
-
Dit artikel is niet van toepassing als de activiteit als vergunningplichtig is aangewezen in hoofdstuk 3.
Artikel 4.306
Bij het verrichten van de activiteit, bedoeld in artikel 4.304, wordt voldaan aan de regels over:
het eindonderzoek bodem, bedoeld in paragraaf 5.2.1; en
bodembeschermende voorzieningen, bedoeld in paragraaf 5.4.2.
Artikel 4.307
Met het oog op het voorkomen van verontreiniging van de bodem met olie en koelvloeistof wordt steen mechanisch bewerkt boven een aaneengesloten bodemvoorziening als een apparaat met een oliecircuit of koelvloeistofcircuit wordt gebruikt.
Artikel 4.308
Met het oog op het beperken van de hoeveelheid afvalwater wordt:
droog gereinigd, tenzij dat redelijkerwijs niet mogelijk is; en
het water dat als koelmiddel, spoelmiddel of smeermiddel of tegen stuiven wordt gebruikt, opnieuw gebruikt.
Artikel 4.309
-
Met het oog op het doelmatig beheer van afvalwater wordt het te lozen afvalwater afkomstig van het mechanisch bewerken van steen anders dan natuursteen of beton geloosd in een vuilwaterriool.
-
Als een maatwerkvoorschrift is gesteld of een voorschrift aan een omgevingsvergunning is verbonden waarin een andere lozingsroute is toegestaan, wordt het te lozen afvalwater geloosd in een vuilwaterriool of via die andere route.
Artikel 4.310
-
Het afvalwater dat wordt geloosd in een vuilwaterriool, wordt door een bezinkvoorziening geleid.
-
Voor dat afvalwater is de emissiegrenswaarde voor onopgeloste stoffen 300 mg/l, gemeten in een steekmonster.
Artikel 4.311
-
Op het bemonsteren van afvalwater is NEN 6600-1 van toepassing, en een monster is niet gefiltreerd.
-
Op het conserveren van een monster is NEN-EN-ISO 5667-3 van toepassing.
-
Op het analyseren van een monster is voor onopgeloste stoffen NEN-EN 872 van toepassing.
Artikel 4.312
Er is een tekening beschikbaar waarop is aangegeven:
op welke punten welk afvalwater wordt geloosd;
of de punten waarop afvalwater wordt geloosd zijn aangesloten op het eigen vuilwaterriool of een schoonwaterriool; en
op welke lozingsroutes het eigen vuilwaterriool en een schoonwaterriool uitkomen.
Artikel 4.313
-
Met het oog op het beperken van emissies in de lucht en het voorkomen of beperken van geluidhinder wordt steen in een gesloten ruimte mechanisch bewerkt.
-
Het eerste lid is niet van toepassing als:
het stralen van steen plaatsvindt met gereedschap dat is uitgerust met een geïntegreerde stofafzuiginstallatie; of
het breken van puin plaatsvindt met een puinbreker met doelmatige stofbestrijdingstechnieken.
-
Als doelmatige stofbestrijdingstechnieken in het tweede lid, onder b, worden aangemerkt:
effectieve natte werkmethoden waarbij de waterstraal of het watergordijn zo is gedimensioneerd dat geen visueel waarneembare stofverspreiding optreedt op een afstand van 2 m van de stofbron; of
effectieve mechanische stofafzuiging waarbij de emissies door een geschikte filterende afscheider worden geleid zodat geen visueel waarneembare stofverspreiding optreedt bij de uitgang van de filterinstallatie.
Artikel 4.314
Met het oog op het voorkomen of beperken van diffuse emissies in de lucht wordt bij het bewerken van steen in een gesloten ruimte de lucht afgezogen.
Artikel 4.315
-
Voor de emissie in de lucht bij het bewerken van steen als bedoeld in artikel 4.313, eerste en tweede lid, onder a, en derde lid, onder b, is de emissiegrenswaarde van totaal stof 5 mg/Nm3, gemeten in een eenmalige meting.
-
Het eerste lid is niet van toepassing als de emissie van totaal stof niet meer is dan 100 kg/jaar.
-
Aan het eerste lid wordt in ieder geval voldaan als de afgezogen emissies door een geschikte filtrerende afscheider worden gevoerd.
Artikel 4.316
-
Op het verrichten van emissiemetingen van totaal stof is NEN-EN 15259 van toepassing.
-
Op het verrichten van een eenmalige meting is voor totaal stof NEN-EN 13284-1 van toepassing.
Artikel 4.317
-
Er wordt gemeten of aan de emissiegrenswaarde voor totaal stof wordt voldaan.
-
Het eerste lid is niet van toepassing als de maatregel, bedoeld in artikel 4.315, derde lid, wordt getroffen.
Artikel 4.318
-
Een eenmalige meting bestaat uit drie deelmetingen van ten minste vijftien minuten en ten hoogste een half uur. Dit geldt niet als een langere bemonsteringstijd voortvloeit uit de meetmethode of de representatieve wijze van bemonsteren.
-
Het resultaat van de eenmalige meting zijn de gevalideerde meetresultaten. Dat zijn de meetresultaten van de deelmetingen, verminderd met de aangetoonde meetonzekerheid, die niet meer is dan 30% van de emissiegrenswaarde.
-
De meetonzekerheid wordt bepaald op basis van het 95%-betrouwbaarheidsinterval van individuele metingen.
-
De meting wordt verricht door een laboratorium met een accreditatie volgens NEN-EN-ISO/IEC 17025 voor de norm die volgens artikel 4.316 van toepassing is op de stof die wordt gemeten.
Artikel 4.319
Met het oog op het beschermen van de gezondheid worden emissies in de lucht bovendaks en omhoog gericht afgevoerd.