Als activiteiten als bedoeld in artikel 1.3, tweede lid, van de wet, worden aangewezen:

  1. openbaar vervoer per metro, tram of trolley;

  2. mijnbouwkundige activiteiten;

  3. beheer en exploitatie van telecommunicatie- en kabelnetwerken;

  4. beheer en exploitatie van riolering, bemaling en waterzuivering;

  5. transport en distributie van water;

  6. beheer van openbare verlichting; of

  7. beheer van verkeersregelinstallaties.