De omgevingsvergunning kan niet worden verleend als dit in ieder geval nadelig is voor:
de natuurwaarde van de houtopstand;
de landschappelijke waarde van de houtopstand;
de waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon;
de beeldbepalende waarde van de houtopstand;
de cultuurhistorische waarde van de houtopstand;
de waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand;
als velling in strijd is met het geldende bestemmingsplan of de Wet natuurbescherming.