Als geringe verstoringen van de openbare orde worden in ieder geval beschouwd de volgende gedragingen:

  1. natuurlijke behoefte doen op plekken die hiervoor niet zijn bedoeld;

  2. plegen van baldadigheid met gevaar of nadeel voor goederen;

  3. hinderen van het verkeer;

  4. zich op verboden terrein, anders dan het voetbalveld bevinden;

  5. gebruiken of onder invloed verkeren van een middel als verboden in de Opiumwet;

  6. bij zich hebben van alcohol dan wel gebruiken op weg naar of van een voetbalwedstrijd;

  7. bij zich hebben dan wel gebruiken op weg naar of van het voetbalstadion van pyrotechnische voorwerpen.