1. De burgemeester kan bij het opleggen van een stadiongebiedsverbod aan een supporter de plicht opleggen om op een door hem voorgeschreven wijze aan te tonen dit stadiongebiedsverbod na te leven.

  2. De burgemeester kan op verzoek van de betrokkene de termijn van een stadiongebiedsverbod met een derde bekorten, indien de betrokkene aantoont het verbod gedurende twee derde van de termijn zorgvuldig te hebben nageleefd.