Aan een school of scholengemeenschap kan naast een hoofdvestiging zijn verbonden:
een of meer nevenvestigingen; of
een of meer tijdelijke nevenvestigingen.
Aan een school of scholengemeenschap kan naast een hoofdvestiging zijn verbonden:
een of meer nevenvestigingen; of
een of meer tijdelijke nevenvestigingen.
De eerste vestiging van een school of scholengemeenschap die op grond van artikel 4.2 voor bekostiging in aanmerking is gebracht, wordt aangeduid als hoofdvestiging.
Naast het onderwijsaanbod dat mag worden verzorgd door het voor bekostiging in aanmerking brengen van een scholengemeenschap, kan op een hoofdvestiging van een scholengemeenschap in elk geval onderwijs worden verzorgd in de in artikel 4.14, tweede tot en met vierde lid, genoemde leerjaren van de schoolsoorten die de scholengemeenschap omvat.
Een nevenvestiging komt tot stand door een samenvoeging als bedoeld in artikel 4.10, eerste lid, of door vorming van een nieuwe nevenvestiging van een school of scholengemeenschap als bedoeld in artikel 4.2a.
Op een nevenvestiging van een school voor vwo of havo kan in elk geval onderwijs worden verzorgd in de eerste 3 leerjaren van die schoolsoort.
Op een nevenvestiging van een school voor mavo of vbo kan in elk geval onderwijs worden verzorgd in de eerste 2 leerjaren van die schoolsoort.
Op een nevenvestiging van een scholengemeenschap kan in elk geval onderwijs worden verzorgd in de in het tweede of derde lid genoemde leerjaren van de schoolsoort die ingevolge artikel 4.2a, eerste of tweede lid, voor bekostiging in aanmerking is gebracht.
Onze Minister brengt voor bekostiging in aanmerking onderwijs vanaf het vierde leerjaar op een hoofdvestiging of nevenvestiging aan een school voor vwo of havo, en onderwijs vanaf het derde leerjaar op een hoofdvestiging of nevenvestiging van een school voor mavo of vbo indien:
op de desbetreffende vestiging onderwijs in de eerste drie respectievelijk twee leerjaren van de desbetreffende schoolsoort wordt verzorgd; en
de desbetreffende vestiging ligt binnen een hemelsbreed gemeten afstand van 3 kilometer van een andere vestiging van de school waar onderwijs vanaf het vierde respectievelijk derde leerjaar van de desbetreffende schoolsoort wordt verzorgd.
Een tijdelijke nevenvestiging voorziet in de tijdelijke huisvestingsbehoefte van een hoofdvestiging of nevenvestiging en is gelegen op hemelsbreed gemeten een afstand van minder dan 3 kilometer van de hoofdvestiging of nevenvestiging.
Onze Minister brengt een tijdelijke nevenvestiging voor bekostiging in aanmerking indien het bevoegd gezag heeft aangetoond dat het college van burgemeester en wethouders de benodigde huisvesting ter beschikking zal stellen. De verplichting in de eerste volzin is niet van toepassing op verticale scholengemeenschappen en scholen waarvoor jaarlijks een bedrag voor huisvestingskosten wordt betaald op grond van artikel 6.21.
Op een tijdelijke nevenvestiging kan onderwijs worden verzorgd in dezelfde schoolsoorten, in dezelfde profielen als bedoeld in de artikelen 2.26, tweede lid, en 2.27, tweede lid, en in dezelfde leerjaren als op de hoofdvestiging of nevenvestiging.
De aanspraak op bekostiging blijft bestaan indien het bevoegd gezag over hemelsbreed gemeten een afstand van minder dan 3 kilometer van het huidige vestigingsadres:
een vestiging verplaatst; of
een deel van het onderwijsaanbod op een vestiging verplaatst naar een andere vestiging van dezelfde school of scholengemeenschap.