-
De belangstellingsmeting wordt uitgevoerd aan de hand van hetzij:
ouderverklaringen; dan wel
in bij ministeriële regeling te bepalen gevallen, een marktonderzoek.
-
De belangstellingsmeting:
geeft inzicht in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, bedoeld in artikel 11.45, eerste lid; en
vindt plaats binnen het voedingsgebied dat het eiland omvat van de beoogde plaats van vestiging van de school, scholengemeenschap of nevenvestiging.
-
Het te verwachten aantal leerlingen, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, wordt berekend overeenkomstig de formule q = (y/x *100%) * w * z, waarbij:
voor de ouderverklaring geldt: y = aantal leerlingen in de leeftijd van 10 tot en met 12 jaar van wie in de ouderverklaring is aangegeven belangstelling te hebben voor de beoogde school, scholengemeenschap of nevenvestiging in de aanvraag; x = totaal aantal leerlingen in de leeftijd van 10 tot en met 12 jaar op 1 januari van het jaar waarin de aanvraag wordt gedaan in het voedingsgebied, bedoeld in het tweede lid onder b; w = het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 jaar en in de leeftijd van 13 jaar in het voedingsgebied, bedoeld in het tweede lid onder b, op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, gebaseerd op gegevens onder meer verstrekt door het Centraal Bureau voor de Statistiek, vermenigvuldigd met een bij ministeriële regeling te bepalen aantal verblijfsjaren, die de landelijke verhouding tussen het totaal aantal leerlingen en het aantal leerlingen in leerjaar 1 weergeeft van de schoolsoort, schoolsoorten of nevenvestiging waarop de aanvraag betrekking heeft; z = een bij ministeriële regeling te bepalen correctiefactor.
voor het marktonderzoek geldt: y = aantal leerlingen in de leeftijd van 10 tot en met 12 jaar van wie in het marktonderzoek is aangegeven belangstelling te hebben voor de beoogde school, scholengemeenschap of nevenvestiging in de aanvraag; x = totaal aantal leerlingen in de leeftijd van 10 tot en met 12 jaar die aan het marktonderzoek heeft deelgenomen; w = het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 jaar en in de leeftijd van 13 jaar in het voedingsgebied, bedoeld in het tweede lid onder b, op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, gebaseerd op gegevens onder meer verstrekt door het Centraal Bureau voor de Statistiek, vermenigvuldigd met een bij ministeriële regeling te bepalen aantal verblijfsjaren, die de landelijke verhouding tussen het totaal aantal leerlingen en het aantal leerlingen in leerjaar 1 weergeeft van de schoolsoort, schoolsoorten of nevenvestiging waarop de aanvraag betrekking heeft; z = een bij ministeriële regeling te bepalen correctiefactor. De aanvraag bevat de berekeningen die tot de uitkomsten van de formules, bedoeld onder a, of b, hebben geleid.
-
De ouderverklaring, bedoeld in het eerste lid, heeft betrekking op één leerling in de leeftijd van 10 tot en met 12 jaar op 1 november van het kalenderjaar waarin de aanvraag wordt gedaan en wordt ingediend door de ouder van deze leerling.
-
Het marktonderzoek, bedoeld in het eerste lid:
heeft betrekking op leerlingen in de leeftijd van 10 tot en met 12 jaar;
wordt afgenomen onder de ouders van leerlingen, bedoeld in onderdeel a, op een wetenschappelijk verantwoorde manier door een onafhankelijk onderzoeksbureau dat aantoonbaar werkt volgens een door een brancheorganisatie opgestelde gedragscode met betrekking tot de uitvoering van marktonderzoek;
wordt uitgevoerd aan de hand van een aselecte steekproef uit de leerlingen, bedoeld in onderdeel a, die aantoonbaar representatief is voor die leerlingen; en
mag niet ouder zijn dan 24 maanden voorafgaand aan de uiterste indieningsdatum van de aanvraag.
-
Indien uit de belangstellingsmeting van meer dan één aanvraag blijkt dat de voedingsgebieden, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, elkaar overlappen en daardoor de som van de leerlingen voor wie belangstelling is aangetoond in het overlappende voedingsgebied groter is dan het totaal aantal leerlingen in het overlappende voedingsgebied, worden de aantallen van de leerlingen voor wie belangstelling is aangetoond in het overlappende voedingsgebied naar evenredigheid verminderd tot de som van het totaal leerlingen in het overlappende voedingsgebied voor wie belangstelling is aangetoond gelijk is aan het totaal aantal leerlingen in het overlappende voedingsgebied.
-
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld aan de uitvoering van de belangstellingsmeting over:
de wijze waarop de belangstellingsmeting wordt uitgevoerd; en
de omvang van het marktonderzoek in relatie tot de minimale verhoudingen tussen de verschillende onderdelen van de formule voor de belangstellingsmeting, bedoeld in het derde lid, onderdeel b.
Inhoud
Hoofdstuk 2 Onderwijs
Paragraaf 1 Schoolsoorten, doelen en structuren voortgezet onderwijs
Paragraaf 2 Inrichting van het voortgezet onderwijs
- Artikel 2.10
- Artikel 2.11
- Artikel 2.12
- Artikel 2.13
- Artikel 2.14
- Artikel 2.15
- Artikel 2.16
- Artikel 2.17
- Artikel 2.18
- Artikel 2.19
- Artikel 2.20
- Artikel 2.21
- Artikel 2.22
- Artikel 2.23
- Artikel 2.24
- Artikel 2.25
- Artikel 2.26
- Artikel 2.27
- Artikel 2.29
- Artikel 2.30
- Artikel 2.31
- Artikel 2.31a
- Artikel 2.31b
- Artikel 2.32
- Artikel 2.33
- Artikel 2.34
- Artikel 2.35
- Artikel 2.36
- Artikel 2.37
Paragraaf 3 Onderwijstijd, vakanties
Paragraaf 4 Extra begeleiding en ondersteuning van leerlingen
Paragraaf 5 Toetsen en eindexamens
- Artikel 2.50
- Artikel 2.51
- Artikel 2.51a
- Artikel 2.52
- Artikel 2.53
- Artikel 2.54
- Artikel 2.55
- Artikel 2.55a
- Artikel 2.56
- Artikel 2.57
- Artikel 2.58
- Artikel 2.59
- Artikel 2.60
- Artikel 2.60a
- Artikel 2.60b
- Artikel 2.60c
- Artikel 2.60d
- Artikel 2.60e
- Artikel 2.61
- Artikel 2.62
- Artikel 2.63
- Artikel 2.64
- Artikel 2.65
Paragraaf 6 Aanwijzing als school met examenbevoegdheid
Paragraaf 7 Staatsexamens
Paragraaf 8 Andere vormen van voortgezet onderwijs
Paragraaf 9 Kwaliteitszorg en communicatie
Paragraaf 10 Onderwijskundige verbanden en samenwerking
- Artikel 2.99
- Artikel 2.100
- Artikel 2.101
- Artikel 2.102
- Artikel 2.103
- Artikel 2.104
- Artikel 2.105
- Artikel 2.106
- Artikel 2.107
- Artikel 2.107a
- Artikel 2.107b
- Artikel 2.107c
- Artikel 2.107d
- Artikel 2.107e
- Artikel 2.107f
- Artikel 2.107g
- Artikel 2.107h
- Artikel 2.107i
- Artikel 2.107j
- Artikel 2.107k
- Artikel 2.107l
- Artikel 2.108
- Artikel 2.109
- Artikel 2.109a
Paragraaf 11 Beschikbaar stellen van lesmateriaal aan leerlingen
Paragraaf 12 Beleidsinhoudelijke informatie
Hoofdstuk 3 Bestuur
Paragraaf 1 Bestuur en intern toezicht
Paragraaf 2 Openbare rechtspersoon voor openbaar onderwijs
Paragraaf 3 Stichting voor openbaar onderwijs
Paragraaf 4 Stichting voor openbaar en bijzonder onderwijs
Paragraaf 5 Stichting voor instandhouding samenwerkingsschool
Paragraaf 6 Niet bekostigd onderwijs
Paragraaf 8 Centrale diensten
Paragraaf 9 Klachten, maatregelen en aanwijzingen
Paragraaf 10 Veiligheid
Paragraaf 11 Overige bepalingen
Hoofdstuk 4 Voorzieningenplanning
Paragraaf 1 Aanspraak op bekostiging
Paragraaf 2 Vestigingen
Paragraaf 3 Regionale samenwerking voorzieningenplanning
Paragraaf 4 Beëindiging van de bekostiging
Paragraaf 5 Overige bepalingen
Hoofdstuk 5 Bekostiging en verantwoording
Paragraaf 1 Algemene bepalingen bekostiging
Paragraaf 2 Grondslag bekostiging personeel en exploitatie scholen
Paragraaf 3 Grondslag bekostiging personeel en exploitatie samenwerkingsverbanden
Paragraaf 4 Rol gemeente
Paragraaf 5 Vaststellen, verstrekken en betalen
Paragraaf 6 Overige voorschriften bekostiging
Paragraaf 7 Verantwoording
Paragraaf 8 Overige uitvoeringsregels
Hoofdstuk 6 Huisvesting
Paragraaf 1 Algemeen
Paragraaf 2 Bekostigingsplafond; programma huisvestingsvoorzieningen; overzicht
Paragraaf 3 Verordening
Paragraaf 5 Bijzondere bepalingen gebruik
Paragraaf 6 Doordecentralisatie; verticale scholengemeenschappen; informatie
Hoofdstuk 7 Personeel
Paragraaf 1 Algemeen
Paragraaf 2 Verantwoordelijkheid, bekwaamheid en bevoegdheid van leraren
Paragraaf 3 Voorwaarden voor tijdelijke benoeming van de onbevoegde, onderbevoegde of andersbevoegde leraar
Paragraaf 4 Voorwaarden voor benoeming van leidinggevend en onderwijsondersteunend personeel
Paragraaf 5 Bijzondere regels voor scholengemeenschappen
Paragraaf 6 Zij-instroom in het beroep
Paragraaf 7 Rechtspositie personeel
Paragraaf 8 Stages
Paragraaf 9 Bekwaamheids- en zedelijkheidseisen personeel niet uit ’s Rijks kas bekostigde scholen
Paragraaf 10 Lerarenregister
Paragraaf 11 Registervoorportaal
Hoofdstuk 8 Deelname
Paragraaf 1 Algemeen
Paragraaf 2 Gebruik persoonsgebonden nummer
Paragraaf 3 Begeleiding van jongeren zonder startkwalificatie
Paragraaf 4 Overige regels
Hoofdstuk 9 Experimenten, bijzondere inrichting en tijdelijke onderwijsvoorzieningen bij massale toestroom ontheemden
Paragraaf 1 Experimenten
Paragraaf 2 Bijzondere inrichting
Paragraaf 2a Nieuwkomersonderwijs
Paragraaf 3 Tijdelijke onderwijsvoorzieningen bij massale toestroom van ontheemden
Hoofdstuk 10 Sancties
Hoofdstuk 11 Caribisch Nederland
Paragraaf 1 Algemeen
Paragraaf 2 Wijze van toepassing hoofdstuk 2
- Artikel 11.4
- Artikel 11.5
- Artikel 11.6
- Artikel 11.7
- Artikel 11.8
- Artikel 11.8a
- Artikel 11.9
- Artikel 11.10
- Artikel 11.10a
- Artikel 11.11
- Artikel 11.12
- Artikel 11.13
- Artikel 11.14
- Artikel 11.15
- Artikel 11.16
- Artikel 11.17
- Artikel 11.18
- Artikel 11.19
- Artikel 11.20
- Artikel 11.21
- Artikel 11.22
- Artikel 11.23
- Artikel 11.24
- Artikel 11.24a
- Artikel 11.25
- Artikel 11.26
- Artikel 11.27
- Artikel 11.28
- Artikel 11.29
- Artikel 11.30
- Artikel 11.31
- Artikel 11.32
Paragraaf 3 Wijze van toepassing hoofdstuk 3
Paragraaf 4 Wijze van toepassing hoofdstuk 4
Paragraaf 5 Wijze van toepassing hoofdstuk 5
Paragraaf 6 Wijze van toepassing hoofdstuk 6
Paragraaf 7 Wijze van toepassing hoofdstuk 7
Paragraaf 8 Wijze van toepassing hoofdstuk 8
Paragraaf 8a Wijze van toepassing van hoofdstuk 9
Paragraaf 9 Wijze van toepassing Wet administratieve rechtspraak BES
Hoofdstuk 12 Invoerings- en overgangsrecht
Paragraaf 1 Invoeringsrecht WVO 2020
Paragraaf 2 Overgangsrecht Wet voortgezet onderwijs BES
Paragraaf 3 Overgangsrecht Wet van 4 juli 1996, houdende wijziging van de Wet op het basisonderwijs, de Interimwet op het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs, alsmede de Wet op het voortgezet onderwijs in verband met de decentralisatie van de huisvestingsvoorzieningen (Stb. 1996, 402)
Paragraaf 4 Overgangsrecht in verband met de Wet van 29 april 2004 tot wijziging van de Wet educatie en beroepsonderwijs in verband met verbeteringen van uiteenlopende, voornamelijk uitvoeringstechnische aard (Stb. 2004, 216)
Paragraaf 5 Overgangsrecht Wet op de beroepen in het onderwijs
Paragraaf 6 Overgangsrecht Wet van 29 mei 2006 tot wijziging van de Wet op het voortgezet onderwijs inzake vervanging van de basisvorming door een nieuwe regeling voor de onderbouw (regeling onderbouw VO) (Stb. 2006, 281)
Paragraaf 7 Overgangsrecht Wet van 28 juni 2006 tot wijziging van de Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra, de Wet op het voortgezet onderwijs en de Wet op de beroepen in het onderwijs onder meer in verband met het aanbrengen van enkele verbeteringen in de regels over de bekwaamheid van onderwijspersoneel zoals deze komen te luiden door de Wet op de beroepen in het onderwijs (aanpassing regels bekwaamheidseisen onderwijspersoneel) (Stb. 2006, 329)
Paragraaf 8 Overgangsrecht Wet van 11 juli 2008 tot wijziging van onder meer de Wet op het voortgezet onderwijs ter modernisering, vereenvoudiging en beperking van de wettelijke regels over de voorzieningenplanning bij scholen (Stb. 2008, 296)
Paragraaf 9 Overgangsrecht Wet van 11 oktober 2012 tot wijziging van enkele onderwijswetten in verband met een herziening van de organisatie en financiering van de ondersteuning van leerlingen in het basisonderwijs, speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs (Stb. 2012, 533)
Paragraaf 10 Overgangsrecht Wet van 23 februari 2013 tot wijziging van de Wet op het voortgezet onderwijs en de Wet voortgezet onderwijs BES in verband met het treffen van een overgangsmaatregel ten behoeve van (oud) studenten van de lerarenopleiding omgangskunde (Stb. 2013, 120)
Paragraaf 11 Overgangsrecht Wet van 7 mei 2014 tot wijziging van onder meer de Wet op het primair onderwijs, de Wet op het voortgezet onderwijs en de Wet op de expertisecentra in verband met het onderwijs in de Friese taal (Stb. 2014, 185)
Paragraaf 13 Overgangsrecht Wet van 10 februari 2016 tot wijziging van de Wet op het voortgezet onderwijs, de Wet voortgezet onderwijs BES en enkele aanverwante wetten in verband met het invoeren van profielen in het voorbereidend beroepsonderwijs en het middelbaar algemeen voortgezet onderwijs, alsmede de actualisatie en flexibilisering van het beroepsgerichte deel van de examenprogramma’s in het voorbereidend beroepsonderwijs (Stb. 2016, 88)
Paragraaf 15 Overgangsrecht Wet van 20 mei 2020 tot wijziging van diverse onderwijswetten door het wijzigen van de systematiek van het in aanmerking brengen voor bekostiging van nieuwe openbare en bijzondere scholen zodat er meer ruimte is voor een nieuw onderwijsaanbod (Wet meer ruimte voor nieuwe scholen) (Stb. 2020, 160)
Paragraaf 16 Overgangsrecht Wet van 1 juli 2020 tot wijziging van onder andere de Wet op het voortgezet onderwijs in verband met de afschaffing van de rekentoets in het voortgezet onderwijs (afschaffing rekentoets vo) (Stb. 2020, 233)
Paragraaf 17 Overgangsrecht Wet van 28 oktober 2020 tot wijziging van onder meer de Wet op het voortgezet onderwijs en de Wet voortgezet onderwijs BES in verband met vereenvoudiging van de grondslagen van de bekostiging voor personeels- en exploitatiekosten van de scholen voor voortgezet onderwijs (vereenvoudiging grondslagen bekostiging vo-scholen) (Stb. 2020, 437)
Hoofdstuk 13 Voorhang en evaluaties
Hoofdstuk 14 Slotbepalingen
Artikel 11.45b
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.