Algemene Plaatselijke Verordening Vlaardingen 2019 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
Hoofdstuk Algemene Bepalingen
Hoofdstuk Openbare Orde
Paragraaf Afdeling 1 Bestrijding van ongeregeldheden
Paragraaf Afdeling 2 Betoging
Paragraaf Afdeling 3 Verspreiden van gedrukte stukken
Paragraaf Afdeling 4 Vertoningen e.d. op de weg
Paragraaf Afdeling 5 Bruikbaarheid en aanzien van de weg
Paragraaf Afdeling 6 Veiligheid op de weg
Paragraaf Afdeling 7 Evenementen
Paragraaf Afdeling 8 Toezicht op openbare inrichtingen
Paragraaf Afdeling 8a Bijzondere bepalingen over horecabedrijven als bedoeld in de Alcoholwet
Paragraaf Afdeling 9 Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Paragraaf Afdeling 10 Voor publiek openstaande gebouwen
Paragraaf Afdeling 10a Tegengaan onveilig, niet leefbaar en malafide ondernemersklimaat
Paragraaf Afdeling 11 Maatregelen tegen overlast en baldadigheid
Paragraaf Afdeling 12 Bepalingen ter bestrijding van heling van goederen
Paragraaf Afdeling 13 Vuurwerk
Paragraaf Afdeling 14 Drugsoverlast
Paragraaf Afdeling 15 Wijkverboden, veiligheidsrisicogebieden en cameratoezicht op openbare plaatsen
Hoofdstuk Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding der gemeente
Hoofdstuk Sanctie-, overgangs- en slotbepalingen

Paragraaf

Afdeling 7 Evenementen

Artikel 2.26

Definities

  1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan: elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van:

    1. bioscoop- en theatervoorstellingen;

    2. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet;

    3. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;

    4. het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen;

    5. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

    6. activiteiten als bedoeld in artikel 2.10 van deze verordening;

    7. sportwedstrijden, niet zijnde vechtsportevenementen als bedoeld in het tweede lid, onder g.

  2. Onder evenement wordt mede verstaan:

    1. een herdenkingsplechtigheid;

    2. een braderie;

    3. een optocht op de weg, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2.4 van deze verordening;

    4. een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg;

    5. een snuffelmarkt;

    6. een straatfeest of buurtbarbecue.

    7. een door de burgemeester aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of -gala’s.

  3. Evenementen zijn onderverdeeld in de volgende categorieën:

    1. 0-evenement: evenement met een laag risicoprofiel, waarvoor geen vergunning hoeft te worden aangevraagd. Het bezoekersaantal bedraagt maximaal 250 mensen;

    2. A-evenement: laag risico-evenement, waarbij sprake is van een beperkte impact op de omgeving en het verkeer;

    3. B-evenement: gemiddeld risico-evenement, waarbij sprake is van een grote impact op de directe omgeving en/of gevolgen voor het verkeer;

    4. C-evenement: hoog risico-evenement, waarbij sprake is van een grote impact op de stad en/of regionale gevolgen voor het verkeer.

  4. In deze afdeling wordt onder 0-evenement verstaan een eendaags evenement waarbij:

    1. het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 250 personen;

    2. de activiteiten plaatsvinden op maandag tot en met zaterdag tussen 09:00 en 23:00 uur of op een zon- of feestdag tussen 13:00 en 23:00 uur;

    3. geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 07.00 uur of na 22.00 uur, dan wel in dit tijdsbestek het maximaal toelaatbare geluidsniveau van 70 dB(A) op de gevels van omringende woningen niet wordt overschreden;

    4. de activiteiten niet plaatsvinden op de rijbaan, (brom)fietspad of parkeerplaats of anderszins een belemmering vormen voor het verkeer en de hulpdiensten; en

    5. slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 25 vierkante meter per object. Onder kleine objecten worden geen springkussens begrepen.

    6. er geen extra politiecapaciteit nodig is;

  5. Het is verboden zonder melding aan de burgemeester een 0-evenement te organiseren, toe te laten of feitelijk te leiden.

  6. De melding van een 0-evenement wordt ten minste vijf werkdagen voordat het evenement plaatsvindt, ingediend.

  7. Het evenement mag worden gehouden als de burgemeester de melding schriftelijk heeft bevestigd.

Artikel 2.27

Evenementenvergunning

  1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een A-, B- of C-evenement te organiseren, toe te laten of feitelijk te leiden.

  2. De vergunning geldt voor één evenement.

  3. De burgemeester weigert de vergunning voor een B- of C evenement indien de organisator:

    1. onder curatele staat,

    2. in enig opzicht van slecht levensgedrag is, of

    3. de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt.

  4. Onverminderd het bepaalde in artikel 1.8 kan de burgemeester de evenementenvergunning geheel of gedeeltelijk weigeren, tijdelijk of voor onbepaalde tijd intrekken of wijzigen indien naar zijn oordeel:

    1. een gebeurtenis van nationale omvang op de dag van het evenement of daags voor het evenement een dusdanig effect op het gemeenschapsleven heeft, dat het niet wenselijk is dat de activiteiten worden voortgezet;

    2. de vergunningvoorschriften niet worden nageleefd;

    3. ten behoeve van de vergunningverlening onvolledige of onjuiste gegevens zijn verstrekt;

    4. er een onevenredig beroep op de beschikbare bezetting van de hulpverleningscapaciteit wordt gedaan;

    5. tegen de organisator in de afgelopen drie jaar een bestuurlijke maatregel is genomen;

    6. de bescherming van een jaar- of weekmarkt nodig is;

    7. het B- of C-evenement niet voor 1 november van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin het evenement plaatsvindt, is aangemeld;

    8. een volledige aanvraag voor een A-evenement niet ten minste vier weken voor het evenement plaatsvindt, is ontvangen;

    9. een volledige aanvraag voor een B- of C-evenement niet ten minste acht weken voor het evenement plaatsvindt, is ontvangen;

    10. de inhoud, frequentie of uitstraling van het evenement niet past in het evenementenbeleid, het imago of de belangen van de stad Vlaardingen.

  5. De burgemeester kan ter regulering van het evenement voorschriften aan de vergunning verbinden.

  6. Risicoverhogende feiten of omstandigheden waarvan eerst na de aanvraag is gebleken, worden door de organisator onverwijld aan de burgemeester gemeld.

  7. Dit artikel is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, voor zover in het onderwerp wordt voorzien door artikel 10 juncto artikel 148 van de WVW 1994.

  8. In afwijking van artikel 1.2, eerste lid, beslist de burgemeester:

    1. indien er sprake is van een A-evenement, binnen vier weken na de dag waarop de aanvraag om een vergunning krachtens artikel 2.27 is ontvangen.

    2. indien er sprake is van een B- of C- evenement, binnen acht weken na de dag waarop de aanvraag om een vergunning krachtens artikel 2.27 is ontvangen.

  9. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3. van de Awb (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Artikel 2.32c

Openbare orde en veiligheid

  1. De burgemeester kan in de aanloop naar, tijdens, en na een evenement alle aanwijzingen geven die hij noodzakelijk acht ter handhaving van de openbare orde. De burgemeester bedient zich daarbij van de onder zijn gezag staande politie, brandweer en hulpverlening.

  2. De organisator van een evenement is verplicht in de aanloop naar, tijdens, en na het evenement:

    1. alle maatregelen te treffen ter voorkoming van de verstoring van de openbare orde;

    2. het evenement onverwijld te beëindigen bij verstoring van de openbare orde of de vrees daarvoor;

    3. een aanwijzing van de burgemeester onverwijld op te volgen;

    4. ervoor te zorgen dat bij een verstoring van de openbare orde na een aanwijzing van de burgemeester, dan wel een ambtenaar van politie, of brandweer geen publiek meer tot het evenement wordt toegelaten.

  3. Het is voor bezoekers van een evenement tijdens en na het evenement:

    1. verboden zich op het evenemententerrein te gedragen met het kennelijke doel om de openbare orde of veiligheid te verstoren of te bedreigen;

    2. verboden al dan niet op het evenemententerrein – op of aan de weg of op voor het publiek toegankelijke plaatsen - voorwerpen of stoffen bij zich te hebben, te dragen of te vervoeren die kennelijk bestemd zijn om de openbare orde of veiligheid te verstoren;

    3. verboden zich op een evenemententerrein te begeven indien overeenkomstig het eerste, dan wel het tweede lid onder d opdracht is gegeven het evenemententerrein te verlaten;

    4. verplicht ter ordelijk verloop van een evenement of bij enig voorval waardoor wanordelijkheden ontstaan of dreigen te ontstaan, op een daartoe strekkende aanwijzing van een ambtenaar van de politie of brandweer, zijn weg te vervolgen of aanwijzingen van andere aard in het belang van de openbare orde of veiligheid van personen en goederen, dan wel ter beperking van gemeen gevaar, onverwijld en stipt op te volgen.

← terug naar Algemene Plaatselijke Verordening Vlaardingen 2019