1. Onverminderd het bepaalde in artikel 2.56, tweede lid, is de rechthebbende op een (gedeelte van een) onroerende zaak die vanaf de weg zichtbaar is, verplicht om binnen zeven werkbare werkdagen na het aanbrengen van graffiti, de graffiti te (laten) verwijderen of anderszins aan het oog te onttrekken.

  2. Het gebod in het eerste lid geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Woningwet.