Omgevingsregeling

Inhoud

Artikel 5.31c

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 15-06-2024.
  1. Bij toepassing van NTA 8800 als bedoeld in artikel 4.149, eerste lid, van het Besluit bouwwerken leefomgeving, is de in paragraaf 5.7 van NTA 8800 bedoelde waarde voor oververhitting bij een woonfunctie, niet zijnde een woonwagen of drijvend bouwwerk, voor elke rekenzone en oriëntatie ten hoogste 1,20.

  2. Als de in het eerste lid bedoelde hoogst berekende waarde voor oververhitting bij een woonfunctie niet in een woongebouw meer dan 1,20 is, wordt met een berekening aangetoond dat het totaal aantal gewogen overschrijdingsuren in die woonfunctie op jaarbasis niet meer dan 450 is.

  3. Als in een woongebouw bij een of meer woonfuncties binnen dat woongebouw de hoogst berekende waarde voor oververhitting meer dan 1,20 is, wordt bij de woonfunctie met de hoogst berekende waarde voor oververhitting met een berekening aangetoond dat het aantal gewogen overschrijdingsuren in die woonfunctie op jaarbasis niet meer dan 450 is.

  4. De berekeningen, bedoeld in dit artikel, voldoen aan de in bijlage XVI opgenomen eisen.

01-07-2026 Huidig 27-06-2026 Historisch 29-05-2026 Historisch 28-05-2026 Historisch 01-04-2026 Historisch 01-01-2026 Historisch 07-10-2025 Historisch 01-10-2025 Historisch 02-08-2025 Historisch 12-07-2025 Historisch 08-07-2025 Historisch 01-07-2025 Historisch 18-06-2025 Historisch 09-06-2025 Historisch 01-04-2025 Historisch 08-03-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 01-10-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 15-06-2024 Historisch 25-05-2024 Historisch 01-04-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-01-2024.

Tekst van deze versie

  1. Bij toepassing van NTA 8800 als bedoeld in artikel 4.149, eerste lid, van het Besluit bouwwerken leefomgeving, is de in paragraaf 5.7 van NTA 8800 bedoelde waarde voor oververhitting bij een woonfunctie, niet zijnde een woonwagen of drijvend bouwwerk, voor elke rekenzone en oriëntatie ten hoogste 1,20.

  2. Als de in het eerste lid bedoelde hoogst berekende waarde voor oververhitting bij een woonfunctie niet in een woongebouw meer dan 1,20 is, wordt met een berekening aangetoond dat het totaal aantal gewogen overschrijdingsuren in die woonfunctie op jaarbasis niet meer dan 450 is.

  3. Als in een woongebouw bij een of meer woonfuncties binnen dat woongebouw de hoogst berekende waarde voor oververhitting meer dan 1,20 is, wordt bij de woonfunctie met de hoogst berekende waarde voor oververhitting met een berekening aangetoond dat het aantal gewogen overschrijdingsuren in die woonfunctie op jaarbasis niet meer dan 450 is.

  4. De berekeningen, bedoeld in dit artikel, voldoen aan de in bijlage XVI opgenomen eisen.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Omgevingsregeling