1. Paracommerciële inrichtingen die zich richten op het organiseren van activiteiten van sportieve aard mogen uitsluitend alcoholhoudende drank verstrekken vanaf één uur voor de aanvang van een activiteit die wordt uitgeoefend in verband met de statutaire doelen van de rechtspersoon tot uiterlijk 24.00 uur. Indien de activiteit eindigt tijdens de laatste 2 uren van de dag, is het toegestaan alcoholhoudende drank te verstrekken tot 2 uren na beëindiging van de activiteit.

  2. Paracommerciële inrichtingen die zich richten op het organiseren van activiteiten van sociaal-culturele aard mogen uitsluitend alcoholhoudende drank verstrekken vanaf één uur voor de aanvang en tot uiterlijk twee uren na afloop van een activiteit die wordt uitgeoefend in verband met de statutaire doelen van de rechtspersoon.

  3. Paracommerciële inrichtingen, inhoudende een studentenvereniging of een studentensportvereniging, mogen alcoholhoudende drank verstrekken gedurende de opening vanaf 12.00 uur.

  4. Paracommerciële inrichtingen mogen tijdens bijeenkomsten van persoonlijke aard uitsluitend alcoholhoudende drank verstrekken gedurende de in eerste lid tot en met het derde lid genoemde schenktijden en onder de volgende voorwaarden:

    1. bij een paracommerciële inrichting als bedoeld in het eerste en derde lid moeten de personen betrokken zijn bij de activiteiten van de rechtspersoon;

    2. bij een paracommerciële inrichting als bedoeld in het tweede lid moet er een verband zijn tussen de personen en de doelstellingen van de toon.

  5. Paracommerciele inrichtingen mogen de mogelijkheden voor het houden van bijeenkomsten van persoonlijke aard niet openlijk onder de aandacht brengen.

  6. De burgemeester kan met het oog op de bijzondere situatie van een paracommerciële inrichting ontheffing verlenen van de in dit artikel gestelde regels.