1. Onverminderd de weigeringsgronden genoemd in artikel 1:10, kan een aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 2:16, eerste lid, geweigerd worden indien:

    1. de aard en het karakter van de locatie zich verzetten tegen het houden van het evenement;

    2. het evenement niet bijdraagt aan het ontstaan van een gevarieerd programma van evenementen;

    3. een evenement waarvan de aanvangsdatum op het moment van indiening van de aanvraag meer dan 12 maanden in de toekomst is gelegen.

  2. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:10 weigert de burgemeester een vergunning voor:

    1. een vechtsportevenement als bedoeld in artikel 2:15, tweede lid, onder f, als de organisator of de aanvrager van de vergunning van slecht levensgedrag is;

    2. aanvragen voor meerdere kalenderjaren.

  3. Naast de weigeringsgrond in artikel 1:10 b, kan een aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 2:15, eerste lid, geweigerd worden indien deze niet binnen de in artikel 2:17 gestelde termijn is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is.