1. Het college wijst houtopstanden aan als Waardevolle houtopstanden, mits de conditie en de groeiruimte van de houtopstand aanvaardbaar zijn en de houtopstand beschikt over één of meer van de volgende waarden:

    1. Cultuurhistorie;

    2. Stedenbouw en/of landschap;

    3. Ecologie;

    4. Klimaat;

    5. Dendrologie.

  2. Het college wijst houtopstanden aan als Waardevolle houtopstanden als deze houtopstanden zijn/moeten worden aangeplant op basis van een herplantplicht, als bedoeld in artikel 4.12 of 4.14.

  3. De Waardevolle houtopstanden worden na aanwijzing als bedoeld in lid 1 en 2, opgenomen op de ‘Bomenkaart; vergunningplichtige houtopstanden’

  4. Het besluit als bedoeld in lid 1 en 2 wordt voorbereid met toepassing van de reguliere voorbereidingsprocedure. Tegen dit besluit is bezwaar en (hoger)beroep mogelijk op grond van de Algemene wet bestuursrecht.

  5. Op besluit als bedoeld in lid 1 en 2 is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.