-
Het is de exploitant of leidinggevende verboden een seksinrichting voor bezoekers geopend te hebben of daarin bezoekers toe te laten of te laten verblijven tussen 01.00 uur en 07.00 uur en in het weekeinde (vrijdagnacht en zaterdagnacht) tussen 02.00 uur en 07.00 uur.
-
Het bevoegd bestuursorgaan kan in het belang van de openbare orde en het woon- of leefklimaat voor één of meer seksinrichtingen of categorieën van seksinrichtingen de in het eerste lid genoemde sluitingstijden, al dan niet tijdelijk, beperken dan wel andere sluitingstijden vaststellen.
-
Het is bezoekers van een seksinrichting verboden zich daarin te bevinden gedurende de tijd dat die inrichting gesloten dient te zijn.
-
Het is de exploitant of de leidinggevende verboden personen die nog niet de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt toe te laten of te laten verblijven in een seksinrichting.
Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Schiedam 2025 (BPR2500211/25BW000130) BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde
Afdeling Bestrijding van ongeregeldheden
Afdeling Betoging en anderen
Afdeling Verspreiden van gedrukte stukken
Afdeling Vertoningen en dergelijke op de weg
Afdeling Bruikbaarheid en aanzien van de weg
Afdeling Veiligheid op de weg
Afdeling Evenementen
Afdeling Openbare inrichtingen
Afdeling Regulering paracommerciële rechtspersonen en overige aangelegenheden uit de Alcoholwet
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Afdeling Toezicht op Speelautomaten, Speelautomatenhallen en Gamecentra
Afdeling Tegengaan onveilig, niet leefbaar en malafide ondernemersklimaat
Afdeling Tegengaan uitbuiting en onevenredige benadeling huurders
Afdeling Maatregelen tegen overlast en baldadigheid
- Artikel 2:41
- Artikel 2:41a
- Artikel 2:42
- Artikel 2:43
- Artikel 2:44
- Artikel 2:44a
- Artikel 2:45
- Artikel 2:46
- Artikel 2:47
- Artikel 2:47a
- Artikel 2:48
- Artikel 2:48a
- Artikel 2:49
- Artikel 2:50
- Artikel 2:50a
- Artikel 2:50b
- Artikel 2:51
- Artikel 2:52
- Artikel 2:53
- Artikel 2:54
- Artikel 2:55
- Artikel 2:56
- Artikel 2:57
- Artikel 2:58
- Artikel 2:59
- Artikel 2:60
- Artikel 2:60a
- Artikel 2:61
- Artikel 2:62
- Artikel 2:63
- Artikel 2:64
- Artikel 2:65
Afdeling Bepalingen ter bestrijding van heling van goederen
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Bestuurlijke ophouding, veiligheidsrisicogebieden en cameratoezicht op openbare plaatsen
Afdeling Overlastgevende personen en woonoverlast
Hoofdstuk Regulering prostitutie en seksbranche
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding der gemeente
Hoofdstuk Sanctie-, overgangs,- en slotbepalingen
Afdeling
Artikel 3:15
Adverteren
Het is verboden in advertenties voor een seksbedrijf:
geen vermelding op te nemen van het telefoonnummer, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, onder e, van het nummer, bedoeld in artikel 3:8, eerste lid, onder i, en van de bedrijfsnaam;
vermelding op te nemen van een ander telefoonnummer dan bedoeld in het eerste lid;
als het een prostitutiebedrijf betreft, onveilige seks aan te bieden of te garanderen dat prostituees die voor of bij het betreffende bedrijf werken vrij zijn van seksueel overdraagbare aandoeningen.
Artikel 3:17
Bedrijfsplan
-
Een prostitutiebedrijf beschikt over een bedrijfsplan, waarin in ieder geval wordt beschreven welke maatregelen de exploitant treft:
op het gebied van hygiëne;
ter bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het zelfbeschikkingsrecht van de prostituees;
ter bescherming van de gezondheid van de klanten;
ter voorkoming van strafbare feiten.
-
De door de exploitant te treffen maatregelen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, waarborgen dat:
de hygiëne in een seksinrichting voldoet aan de algemene eisen die hiervoor in de branche gelden en dat dit controleerbaar is;
inzichtelijk en controleerbaar is welke maatregelen een exploitant in zijn bedrijfsvoering en inrichting van werkruimten treft voor gezonde en veilige werkomstandigheden voor prostituees;
in de werkruimte te allen tijde voldoende condooms met een CE-markering voor gebruik beschikbaar zijn;
in de werkruimten voor de prostituees een goed functionerende alarmvoorziening aanwezig is;
de prostituee zich regelmatig kan laten onderzoeken op seksueel overdraagbare aandoeningen en door de exploitant voldoende geïnformeerd is over de mogelijkheden van een dergelijk onderzoek;
de prostituee niet gedwongen wordt zich geneeskundig te laten onderzoeken;
de prostituee vrij is in de keuze van de arts(en) die zij wil bezoeken;
de prostituee klanten en diensten kan weigeren zonder dat dat voor haar andere werkzaamheden gevolgen heeft;
de prostituee niet verplicht kan worden om zonder condoom te werken;
de prostituee kan weigeren alcohol of drugs te gebruiken zonder dat dat voor haar werkzaamheden gevolgen heeft;
aan de voor de exploitant werkzame leidinggevende voldoende professionele eisen op het gebied van agressiebeheersing en bedrijfshulpverlening worden gesteld en waar nodig wordt gezorgd voor scholing hierin;
de exploitant zich een oordeel vormt over de mate van zelfredzaamheid van de prostituee voordat deze voor of bij de exploitant gaat werken, teneinde vast te stellen of de prostituee voldoet aan de eisen die de exploitant hiervoor in zijn bedrijfsplan heeft opgenomen;
de exploitant voor elke voor of bij de exploitant werkzame prostituee kan aantonen onder welke verhuur- of arbeidsvoorwaarden de prostituee de diensten aanbiedt;
de exploitant of leidinggevende zich er regelmatig van vergewist dat de prostituee niet door derden gedwongen wordt tot prostitutie en dat de exploitant of leidinggevende in dit kader informatie van hulpverleningsinstanties ter beschikking stelt;
de exploitant aan de voor of bij hem werkzame prostituees informatie ter beschikking stelt over de mogelijkheden om hulp te krijgen als een prostituee wil stoppen met het werk in de prostitutie;
er voldoende toezicht plaatsvindt op het prostitutiebedrijf;
de overlast aan de omgeving van de onder het seksbedrijf vallende seksinrichting beperkt wordt.
-
Het bedrijfsplan wordt overgelegd bij de aanvraag om een vergunning;
-
De rechten voor prostituees, die worden gewaarborgd op grond van het tweede lid, worden op schrift gesteld en in een voor de prostituee begrijpelijke taal uitgereikt aan elke prostituee die werkzaam is voor of bij de exploitant.
-
In de seksinrichting wordt in ten minste twee talen en voor de klant goed zichtbaar bekend gemaakt dat een prostituee klanten en diensten mag weigeren en mag weigeren alcohol of drugs te gebruiken.
-
Het is verboden te handelen in strijd met het eerste, vierde en vijfde lid.
Artikel 3:18
Verdere verplichtingen van de exploitant en leidinggevende prostitutiebedrijf
-
De exploitant of de leidinggevende is aanwezig gedurende de uren dat de seksinrichting van een prostitutiebedrijf daadwerkelijk is geopend. De exploitant of leidinggevende van een escortbedrijf houdt effectief toezicht gedurende de uren dat het escortbedrijf daadwerkelijk wordt uitgeoefend.
-
De exploitant van een prostitutiebedrijf draagt er zorg voor dat:
de voor of bij het prostitutiebedrijf werkzame prostituees redelijkerwijs hun eigen werktijden kunnen bepalen;
er een deugdelijke bedrijfsadministratie wordt gevoerd waarin de actuele gegevens zijn opgenomen van in ieder geval:
de voor of bij het prostitutiebedrijf werkzame prostituees;
de verhuuradministratie;
de werkroosters van de beheerders;
de bedrijfsadministratie met inachtneming van de wettelijke termijnen en te allen tijde beschikbaar is voor toezichthouders;
medewerkers van de gemeentelijke gezondheidsdienst en van andere door de burgemeester of het college aangewezen instellingen worden toegelaten tot seksinrichtingen als ze voornemens zijn voorlichtings- en preventieactiviteiten uit te voeren of voorlichtingsmateriaal te verspreiden;
dat onverwijld bij de politie wordt gemeld ieder signaal van mensenhandel of andere vormen van dwang en uitbuiting;
-
Het is verboden te handelen in strijd met het eerste en tweede lid.
Artikel 3:19
Verbod raam- en straatprostitutie
Het is verboden:
door woorden, houding, gebaren of andere feitelijke gedragingen op of aan de weg , op of in publiek toegankelijke plaatsen, in deuropeningen, dan wel binnenshuis zichtbaar voor publiek, iemand tot prostitutie uitnodigen of uitlokken, dan wel op deze uitnodiging of uitlokking in te gaan;
op de weg ontuchtige handelingen te verrichten indien dit kennelijk geschiedt in het kader van prostitutie.