Cyberbeveiligingswet Actueel

Inhoud

§ 8.6

Taken en bevoegdheden van het CSIRT en de bevoegde autoriteit bij significante incidenten en significante cyberdreigingen

Artikel 36

  1. Het CSIRT verstrekt onverwijld en zo mogelijk binnen 24 uur na ontvangst van de vroegtijdige waarschuwing, bedoeld in artikel 26, een antwoord aan de meldende entiteit, met inbegrip van een eerste terugkoppeling over het significante incident en, op verzoek van de entiteit, richtsnoeren of operationeel advies voor de uitvoering van mogelijke risicobeperkende maatregelen.

  2. Het CSIRT verleent aanvullende technische ondersteuning indien de betrokken entiteit daar om verzoekt.

  3. Wanneer wordt vermoed dat het significante incident van criminele aard is, geeft het CSIRT ook richtsnoeren aan de meldende entiteit voor het melden van het significante incident aan de rechtshandhavingsinstanties.

Artikel 37

Het CSIRT respectievelijk de bevoegde autoriteit kan, na raadpleging van de betrokken entiteit, het publiek informeren over een significant incident of de entiteit verplichten om dit te doen, wanneer:

  1. publieke bewustmaking nodig is om een significant incident te voorkomen;

  2. dat nodig is om een lopend incident te beheersen; of

  3. de bekendmaking van het significante incident anderszins in het algemeen belang is.

Artikel 38

De bevoegde autoriteit kan de essentiële entiteit of belangrijke entiteit verplichten om de natuurlijke personen of rechtspersonen aan wie de entiteit diensten verleent of voor wie de entiteit activiteiten uitvoert en die mogelijkerwijs door een significante cyberdreiging worden beïnvloed, in kennis te stellen van de aard van de dreiging en alle mogelijke beschermings- of herstelmaatregelen die deze natuurlijke personen of rechtspersonen kunnen nemen als reactie op die dreiging.

← terug naar Cyberbeveiligingswet