-
De volgende entiteiten zijn essentiële entiteiten:
gekwalificeerde verleners van vertrouwensdiensten;
aanbieders van registers voor topleveldomeinnamen;
DNS-dienstverleners;
aanbieders van openbare elektronische communicatienetwerken, die in aanmerking komen als middelgrote onderneming uit hoofde van artikel 2 van de bijlage bij Aanbeveling 2003/361/EG;
aanbieders van openbare elektronische communicatiediensten, die in aanmerking komen als middelgrote onderneming uit hoofde van artikel 2 van de bijlage bij Aanbeveling 2003/361/EG;
andere entiteiten, genoemd in bijlage 1 van deze wet, die de in artikel 2, eerste lid, van de bijlage bij Aanbeveling 2003/361/EG bedoelde drempel voor middelgrote ondernemingen overschrijden;
de ministeries, met inbegrip van de daartoe behorende dienstonderdelen doch met uitzondering van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten, bedoeld in de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017, en zelfstandige bestuursorganen van de centrale overheid, voor zover deze zelfstandige bestuursorganen kwalificeren als overheidsinstantie;
provincies, gemeenten en waterschappen, alsmede openbare lichamen, gemeenschappelijke organen en bedrijfsvoeringsorganisaties als bedoeld in artikel 8, eerste, tweede, onderscheidenlijk derde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen, voor zover deze openbare lichamen, gemeenschappelijke organen en bedrijfsvoeringsorganisaties kwalificeren als overheidsinstantie;
kritieke entiteiten als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten.
-
Ten aanzien van het bepaalde in het eerste lid, onderdelen d tot en met f, is artikel 3, vierde lid, van de bijlage bij Aanbeveling 2003/361/EG niet van toepassing.
Cyberbeveiligingswet Actueel
Inhoud
Hoofdstuk 4
Artikel 9
-
Bij regeling of besluit van Onze Minister die het aangaat, na overleg met Onze Minister, wordt een in bijlage 1 of bijlage 2 van deze wet genoemde entiteit aangewezen als essentiële entiteit, op grond van de toepasselijkheid van één of meer van de volgende criteria:
de entiteit is in Nederland de enige aanbieder van een dienst die essentieel is voor de instandhouding van kritieke maatschappelijke of economische activiteiten;
verstoring van de door de entiteit verleende dienst kan aanzienlijke gevolgen hebben voor de openbare veiligheid, de openbare beveiliging of de volksgezondheid;
verstoring van de door de entiteit verleende dienst kan een aanzienlijk systeemrisico met zich brengen, met name voor sectoren waar een dergelijke verstoring een grensoverschrijdende impact kan hebben;
de entiteit is kritiek vanwege het specifieke belang ervan op nationaal of regionaal niveau voor de specifieke sector of het specifieke type dienst, of voor andere onderling afhankelijke sectoren in Nederland.
-
Onze Minister die het aangaat trekt de aanwijzing in, indien de entiteit niet langer voldoet aan één of meer van de criteria, genoemd in het eerste lid.
Artikel 10
Bij regeling of besluit van Onze Minister die het aangaat, na overleg met Onze Minister, kan worden aangewezen als essentiële entiteit: een aanbieder die voor 16 januari 2023 op grond van de Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen is aangewezen als aanbieder van een essentiële dienst.
Artikel 11
-
Bij regeling of besluit van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, na overleg met Onze Minister, kan een instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in artikel 1.1, onder g, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek als essentiële entiteit worden aangewezen.
-
Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap trekt de aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, in, indien er voor die aanwijzing geen grond meer aanwezig is.
Artikel 12
-
De volgende entiteiten zijn belangrijke entiteiten:
entiteiten, genoemd in bijlage 1 van deze wet, niet zijnde een essentiële entiteit, die in aanmerking komen als middelgrote onderneming uit hoofde van artikel 2 van de bijlage bij de Aanbeveling 2003/361/EG;
entiteiten, genoemd in bijlage 2 van deze wet, niet zijnde een essentiële entiteit, die in aanmerking komen als middelgrote onderneming uit hoofde van artikel 2 van de bijlage bij de Aanbeveling 2003/361/EG of de in het eerste lid van laatstgenoemd artikel vastgestelde drempels voor middelgrote ondernemingen overschrijden;
aanbieders van openbare elektronische communicatienetwerken, genoemd in bijlage 1 van deze wet, die in aanmerking komen als kleine of micro-onderneming uit hoofde van artikel 2 van de bijlage bij de Aanbeveling 2003/361/EG, niet zijnde een essentiële entiteit;
aanbieders van openbare elektronische communicatiediensten, genoemd in bijlage 1 van deze wet, die in aanmerking komen als kleine of micro-onderneming uit hoofde van artikel 2 van de bijlage bij de Aanbeveling 2003/361/EG, niet zijnde een essentiële entiteit;
verleners van vertrouwensdiensten, genoemd in bijlage 1 van deze wet, die in aanmerking komen als kleine of micro-onderneming uit hoofde van artikel 2 van de bijlage bij de Aanbeveling 2003/361/EG, niet zijnde een essentiële entiteit.
-
Ten aanzien van het bepaalde in het eerste lid is artikel 3, vierde lid, van de bijlage bij de Aanbeveling 2003/361/EG niet van toepassing.
Artikel 13
-
Bij regeling of besluit van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, na overleg met Onze Minister, kan een instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in artikel 1.1, onder g, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek als belangrijke entiteit worden aangewezen.
-
Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap trekt de aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, in, indien er voor die aanwijzing geen grond meer aanwezig is.