1. Incidentele asverstrooiing is verboden:

    1. op gemeentelijke begraafplaatsen en crematoriumterreinen;

    2. op verharde delen van de weg;

    3. op kinderspeelplaatsen, ligweiden en openbare sport- en spelterreinen;

    4. op of vanaf bruggen, sluiscomplexen, steigers en remmingwerken;

    5. van 1 mei tot en met 30 september tussen 9 en 21 uur:

      1. in openbaar water dat niet door de beroepsvaart wordt gebruikt;

      2. in zee op een afstand van minder dan 300 meter van de laagwaterlijn;

      3. op het strand.

  2. Het college kan regels stellen, inhoudende een verbod as te verstrooien gedurende een daarbij aangegeven termijn op daarbij aangegeven andere plaatsen dan bedoeld in het eerste lid.

  3. Het college kan op verzoek van de nabestaande die zorg draagt voor de asbus, op grond van bijzondere omstandigheden ontheffing verlenen van de in het eerste lid, onder b tot en met e, gestelde verboden.

  4. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.