Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een speelautomatenhal te vestigen of te exploiteren.
De burgemeester kan maximaal 12 speelautomatenhallenvergunningen verlenen.
Een vergunning voor een speelautomatenhal wordt verleend voor de duur van vijf jaar.
Het is verboden een speelautomatenhal voor bezoekers geopend te hebben of daarin bezoekers toe te laten of te laten verblijven op andere tijdstippen dan:
zondag tot en met donderdag van 07:00 uur tot 01:00 uur;
vrijdag van 07:00 uur tot 03:00 uur;
zaterdag van 07:00 uur tot 03:00 uur.
Aan de vergunning kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden, die betrekking hebben op:
de opening- en sluitingstijden;
het toezicht in de speelautomatenhal;
het aantal en type speelautomaten, alsmede het totaal aantal spelers bij volledige bezetting van de speelautomaten;
de wijze van exploitatie van de hal.
De burgemeester weigert de vergunning indien:
het maximaal aantal vergunningen voor speelautomatenhallen is verleend;
de beheerder(s) de leeftijd van 21 jaar nog niet heeft (hebben) bereikt of de exploitant of de beheerder van de speelautomatenhal niet voldoet aan de eisen gesteld in artikel 4 van het Speelautomatenbesluit;
de speelautomatenhal niet uitsluitend of rechtstreeks vanaf de openbare weg voor het publiek toegankelijk is;
de speelautomatenhal is gelegen in de nabijheid van scholen, jeugd-, buurt- of clubhuizen;
naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van de speelautomatenhal of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig worden beïnvloed door de exploitatie van de speelautomatenhal;
de exploitatie van de speelautomatenhal in strijd is met het omgevingsplan.
De burgemeester kan de vergunning intrekken of wijzigen indien:
de exploitatie van een speelautomatenhal om een andere reden dan een bestuurlijke maatregel voor een periode langer dan zes maanden is of wordt onderbroken;
een van de in artikel 2:28, zesde lid, genoemde situaties zich voordoet;
een exploitant komt te overlijden, dan wel indien een
exploitant de exploitatie van zijn speelautomatenhal beëindigt.
De vergunning vervalt, indien de beslissing op een aanvraag om een nieuwe vergunning voor het vestigen dan wel exploiteren van een speelautomatenhal in hetzelfde pand in werking is getreden.
Artikel 2.30d is van overeenkomstige toepassing.
Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.