Onverminderd artikel 1.8 kan een vergunning als bedoeld in artikel 2:10 worden geweigerd of ingetrokken:
indien het beoogde gebruik schade toebrengt aan de weg, gevaar kan veroorzaken voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig of veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering kan vormen voor het doelmatig beheer of onderhoud van de weg;
indien het beoogde gebruik hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van welstand;
in het belang van het voorkomen of beperken van overlast voor gebruikers van in de nabijheid gelegen onroerende zaken;
als het beoogd gebruik afbreuk doet aan het uiterlijk aanzien van de openbare ruimte.