1. Het is verboden op enig terrein, geen weg zijnde, met een motorvoertuig of een bromfiets

te crossen buiten wedstrijdverband, een wedstrijd dan wel, ter voorbereiding van een

wedstrijd, een trainings- of proefrit te houden of te doen houden dan wel daaraan deel te

nemen, dan wel een motorvoertuig of een bromfiets met het kennelijke doel daartoe

aanwezig te hebben.

2. Het verbod is niet van toepassing op door het college aangewezen terreinen. Het college

kan nadere regels stellen voor het gebruik van deze terreinen in het belang van:

a. het voorkomen of beperken van overlast;

b. het behoud, het in stand houden en beschermen van fysieke omgevingswaarden, als

natuur, bodem, water en lucht, die deze hebben voor mens, dier en plant en ter

bescherming van andere milieuwaarden;

c. de veiligheid van de deelnemers van de in het eerste lid bedoelde wedstrijden en

ritten of van het publiek.

3. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de

Omgevingswet, afdeling 3.9 van het Besluit activiteiten leefomgeving, de Zondagswet of

het Besluit geluidproductie sportmotoren.