Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester een vergunning weigeren als:

a. naar zijn oordeel het woon- en leefklimaat in de omgeving van het bedrijf of de openbare

orde of de veiligheid nadelig wordt beïnvloed of er om andere redenen sprake is van

ondermijning door het bedrijf;

b. indien de leefbaarheid in het gebied door de wijze van exploitatie nadelig wordt beïnvloed

of dreigt te worden beïnvloed;

c. de wijze van bedrijfsvoering daartoe aanleiding geeft;

d. indien redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in

de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn;

e. de exploitant of beheerder in enig opzicht van slecht levensgedrag is;

f. er aanwijzingen zijn dat in strijd wordt gehandeld met de Wet arbeid vreemdelingen of de

Vreemdelingenwet 2000;

g. indien de vestiging of exploitatie in strijd is met het omgevingsplan.