1. Het is de eigenaar of houder van een hond verboden deze hond op zijn terrein zonder

muilkorf te laten loslopen als de burgemeester heeft meegedeeld dat hij de hond

gevaarlijk acht, dan wel als de hond is opgeleid voor bewakings-, opsporings- en

verdedigingswerk.

2. Het in het eerste lid genoemde verbod geldt niet als:

a. op een vanaf de weg zichtbare plaats een naar het oordeel van de burgemeester

duidelijk leesbaar waarschuwingsbord is aangebracht;

b. het mogelijk is een brievenbus te bereiken en aan te bellen zonder het terrein te

betreden; en

c. het terrein voorzien is van een zodanig hoge en deugdelijke afrastering dat de hond

niet zelfstandig buiten het terrein kan komen.