1. Een aanvraag om een vergunning voor een seksbedrijf wordt ingediend met gebruikmaking van een door de burgemeester vastgesteld formulier.

2. Bij de aanvraag van een vergunning voor een seksbedrijf wordt vermeld voor welke activiteit een vergunning wordt gevraagd en wordt opgave gedaan van in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden:

a. de persoonsgegevens van de exploitant(en);

b. de contactgegevens van de exploitant(en);

c. een geldig legitimatiebewijs van de exploitant(en);

d. het adres waar het seksbedrijf wordt geëxploiteerd;

e. het adres van de onder het seksbedrijf vallende seksinrichting;

f. de handelsnaam waaronder wordt geëxploiteerd en het nummer van inschrijving in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel;

g. of in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag reeds eerder een aanvraag van een vergunning voor een seksbedrijf door de exploitant een vergunning voor een seksbedrijf is geweigerd of een aan de exploitant verleende vergunning voor een seksbedrijf is ingetrokken;

h. een bewijs waaruit blijkt dat de exploitant gerechtigd is tot het gebruik van de ruimtes bestemd voor de uitoefening van het seksbedrijf;

i. een beschrijving en plattegrond van de indeling (afmetingen) van de seksinrichting;

j. de beoogde duur van de vergunning;

k. de beoogde openingstijden;

l. ieder telefoonnummer dat in advertenties voor het seksbedrijf zal worden gebruikt; en

m. een bedrijfsplan als bedoeld in artikel 3:15.

3. Indien een beheerder is aangesteld, is het tweede lid, onder a, b, c en g, van overeenkomstige toepassing op de beheerder.

4. De burgemeester kan aanvullende gegevens of bescheiden verlangen.

5. De burgemeester stelt nadere regels vast ten behoeve van het creëren van gelijke kansen om voor een vergunning in aanmerking te komen, waarbij in ieder geval regels worden gesteld betreffende:

a. de inhoud en de wijze van indiening van een aanvraag van een vergunning;

b. de verdelings- en toekenningsprocedure van een vergunning.