1. De exploitant dan wel de beheerder van een seksbedrijf met een seksinrichting, is in de seksinrichting aanwezig en bereikbaar gedurende de uren dat het seksbedrijf daadwerkelijk wordt uitgeoefend, of kan zo nodig binnen vijf minuten na een oproep aanwezig zijn in de seksinrichting.

2. Het is verboden om als exploitant dan wel als beheerder, gedurende de uren dat degene werkzaam is als exploitant dan wel als beheerder, gelijktijdig werkzaam te zijn als sekswerker.

3. De exploitant draagt er zorg voor dat de voor of bij het seksbedrijf werkzame personen niet zijn veroordeeld voor een gewelds- of zedendelict of voor mensenhandel.

4. De exploitant draagt er zorg voor dat in de bedrijfsadministratie de actuele gegevens zijn opgenomen van de sekswerkers die voor of bij de exploitant werken en dat het daarop betrekking hebbende deel van de bedrijfsadministratie en het bedrijfsplan, bedoeld in artikel 3:15, eerste lid, te allen tijde beschikbaar zijn voor toezichthouders.

5. De exploitant dan wel de beheerder draagt er zorg voor dat er een deugdelijke bedrijfsadministratie wordt gevoerd waarin de actuele gegevens zijn opgenomen van in ieder geval:

a. de voor of bij het seksbedrijf werkzame sekswerkers;

b. een werkrooster van de per dag werkzame sekswerkers in de seksinrichting, waarop van iedere sekswerker is aangegeven op welk tijdstip de sekswerker is begonnen en geëindigd met werken;

c. een werkrooster van de per dag werkzame beheerders in de seksinrichting;

d. de verhuuradministratie, in het geval sprake is van verhuur van een kamer in de seksinrichting.

6. De exploitant en de beheerder dragen er zorg voor dat de hygiënerichtlijnen voor seksinrichtingen van het Landelijk Centrum Hygiëne en Veiligheid worden nageleefd.

Afdeling 4. Raam- en straatprostitutie