1. De vergunning voor een voetbalwedstrijd wordt ingetrokken indien:
a. de veiligheidsverklaring is ingetrokken;
b. de verstrekte gegevens zodanig onjuist of onvolledig blijken te zijn dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen indien bij de beoordeling daarvan de juiste of volledige gegevens bekend waren geweest; of
c. de vergunning in strijd met een wettelijk voorschrift is gegeven.
2. De vergunning voor een voetbalwedstrijd kan worden geschorst of ingetrokken indien:
a. is gehandeld in strijd met aan de vergunning verbonden voorschriften of beperkingen;
b. in verband met gewijzigde wettelijke voorschriften, gewijzigde omstandigheden of gewijzigde inzichten, de bescherming van de belangen met het oog waarop een vergunningsvereiste is gesteld, zwaarder wegen dan het belang van de organisator bij behoud van de vergunning;
c. de organisator het toezicht op de voetbalwedstrijd belemmert of bemoeilijkt;
d. de organisator de door de burgemeester gestelde aanwijzingen, als bedoeld in artikel 2:26g, niet terstond of volledig heeft opgevolgd; of
e. is gehandeld in strijd met een of meer van de bij of krachtens deze afdeling gestelde bepalingen.
3. Als een vergunning betrekking heeft op meerdere wedstrijden kan de intrekking betrekking hebben op één wedstrijd of meerdere wedstrijden.