-
Sekswerk vindt uitsluitend plaats door een sekswerker die de leeftijd van 21 jaar heeft bereikt.
-
Het is een exploitant verboden een sekswerker voor of bij zich te laten werken die:
nog niet de leeftijd van 21 jaar heeft bereikt;
in Nederland verblijft of werkt in strijd met het bepaalde bij of krachtens de Vreemdelingenwet 2000.
-
Het is een sekswerker verboden:
te handelen in strijd met het eerste lid;
werkzaam te zijn voor of bij een exploitant aan wie geen vergunning voor een seksbedrijf is verleend.
Algemene plaatselijke verordening gemeente Roermond BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
Afdeling Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Afdeling Bruikbaarheid, uiterlijk , aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen
Afdeling Evenementen
Afdeling Toezicht op horecabedrijven
Afdeling Regulering paracommerciele rechtspersonen en overige aangelegenheden uit de Alcoholwet
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
Afdeling Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade
- Artikel 2:41
- Artikel 2:42
- Artikel 2:43
- Artikel 2:44
- Artikel 2:45
- Artikel 2:46
- Artikel 2:47
- Artikel 2:47a
- Artikel 2:48
- Artikel 2:49
- Artikel 2:50
- Artikel 2:50a
- Artikel 2:50b
- Artikel 2:51
- Artikel 2:52
- Artikel 2:53
- Artikel 2:54
- Artikel 2:55
- Artikel 2:56
- Artikel 2:57
- Artikel 2:58
- Artikel 2:58a
- Artikel 2:59
- Artikel 2:59a
- Artikel 2:60
- Artikel 2:60a
- Artikel 2:61
- Artikel 2:62
- Artikel 2:63
- Artikel 2:64
- Artikel 2:65
Afdeling Bestrijding van heling van goederen
Afdeling Consumentenvuurwerk en carbidschieten
Afdeling Naaktrecreatie (*)
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester
Afdeling Toezicht op winkelbedrijven (*)
Hoofdstuk Regulering sekswerk, seksbranche en aanverwante onderwerpen
HOOFDSTUK SPEELAUTOMATENHALLEN EN SPEELAUTOMATEN (*)
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
Hoofdstuk Sanctie-, overgangs- en slotbepalingen
Paragraaf
Artikel 3:15
Bedrijfsplan
-
Een seksbedrijf beschikt over een bedrijfsplan, waarin in ieder geval wordt beschreven welke maatregelen de exploitant treft:
op het gebied van hygiëne;
ter bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het zelfbeschikkingsrecht van de sekswerkers;
ter bescherming van de gezondheid van de klanten;
ter voorkoming van strafbare feiten.
-
De door de exploitant te treffen maatregelen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, waarborgen dat:
de hygiëne in een seksinrichting voldoet aan de algemene eisen die hiervoor in de branche gelden en dat dit controleerbaar is;
inzichtelijk en controleerbaar is welke maatregelen een exploitant in zijn bedrijfsvoering en inrichting van de werkruimten treft voor gezonde en veilige werkomstandigheden voor sekswerkers;
in de werkruimten te allen tijde voldoende condooms met een CE-markering voor gebruik beschikbaar zijn;
in de werkruimten voor de sekswerkers een goed functionerende alarmvoorziening aanwezig is;
de sekswerker zich regelmatig kan laten onderzoeken op seksueel overdraagbare aandoeningen en door de exploitant voldoende geïnformeerd is over de mogelijkheden van een dergelijk onderzoek;
de sekswerker niet gedwongen wordt zich geneeskundig te laten onderzoeken;
de sekswerker vrij is in de keuze van de arts(en) die zij/hij wil bezoeken;
de sekswerker klanten en diensten kan weigeren zonder dat dat voor haar/zijn andere werkzaamheden gevolgen heeft;
de sekswerker kan weigeren alcohol of drugs te gebruiken zonder dat dat voor haar/zijn werkzaamheden gevolgen heeft;
aan de voor de exploitant werkzame beheerder voldoende professionele eisen op het gebied van agressiebeheersing en bedrijfshulpverlening worden gesteld en waar nodig wordt gezorgd voor scholing hierin;
de exploitant zich een oordeel vormt over de mate van zelfredzaamheid van de sekswerker voordat deze voor of bij hem/haar gaat werken, teneinde vast te stellen of zij/hij voldoet aan de eisen die hij/zij hiervoor in zijn/haar bedrijfsplan heeft opgenomen;
de exploitant voor elke voor of bij hem/haar werkzame sekswerker kan aantonen onder welke verhuur- of arbeidsvoorwaarden de sekswerker haar/zijn diensten aanbiedt;
de exploitant of beheerder zich er regelmatig van vergewist dat de sekswerker niet door derden gedwongen wordt tot sekswerk en dat hij/zij in dit kader informatie van hulpverleningsinstanties ter beschikking stelt;
de exploitant aan de voor of bij hem/haar werkzame sekswerkers informatie ter beschikking stelt over de mogelijkheden om hulp te krijgen als een sekswerker wil stoppen met haar/zijn werk in de sekswerk;
de overlast aan de omgeving van de onder het seksbedrijf vallende seksinrichtingen beperkt wordt.
-
Het bedrijfsplan wordt overgelegd bij de aanvraag om een vergunning.
-
De exploitant meldt een voorgenomen wijziging van het bedrijfsplan onverwijld aan het bevoegde bestuursorgaan. De wijziging wordt na goedkeuring van het bevoegde bestuursorgaan als onderdeel van het bedrijfsplan aangemerkt, als deze voldoet aan de eisen die overeenkomstig het eerste en tweede lid aan een bedrijfsplan worden gesteld.
-
De rechten voor sekswerkers, die worden gewaarborgd op grond van het tweede lid, worden op schrift gesteld en in een voor haar/hem begrijpelijke taal uitgereikt aan elke sekswerker die werkzaam is voor of bij de exploitant.
-
In de seksinrichting wordt in ten minste twee talen en voor de klant goed zichtbaar bekend gemaakt dat een sekswerker klanten en diensten mag weigeren en mag weigeren alcohol of drugs te gebruiken.
-
De exploitant stelt een externe en door de gemeente goedgekeurde vertrouwenspersoon aan en beschrijft dit in het bedrijfsplan.
Artikel 3:17
Verdere verplichtingen van de exploitant en beheerder seksbedrijf
-
De exploitant of de beheerder is aanwezig gedurende de uren dat het seksbedrijf daadwerkelijk wordt uitgeoefend.
-
De exploitant van een seksbedrijf draagt er zorg voor dat:
de voor of bij het seksbedrijf werkzame sekswerkers redelijkerwijs hun eigen werktijden kunnen bepalen;
er een deugdelijke bedrijfsadministratie wordt gevoerd waarin de actuele gegevens zijn opgenomen van in ieder geval;
de voor of bij het seksbedrijf werkzame sekswerkers;
de verhuuradministratie;
met betrekking tot alle voor of bij het seksbedrijf werkzame sekswerkers, de documentatie die ten grondslag ligt aan de vorming van het oordeel over de mate van zelfredzaamheid, bedoeld in artikel 3:15, tweede lid, onder k;
de werkroosters van de beheerders;
een overzicht per sekswerker waarop vermeld staat wanneer deze sekswerker in de seksinrichting werkzaamheden heeft verricht;
de verslagen van de getekende intake- en vervolgformulieren en gesprekken.
Met betrekking tot de hiervoor onder 1°, 2°, 5° en 6° genoemde bescheiden, geldt dat deze wel tot een uniek nummer of ander kenmerk te herleiden moeten zijn, maar dat niet is vereist dat deze herleidbaar zijn tot een persoon.
de bedrijfsadministratie met inachtneming van de wettelijke termijnen wordt bewaard en te allen tijde beschikbaar is voor toezichthouders. Hierbij krijgen toezichthouders alleen toegang tot geanonimiseerde of gepseudonimiseerde gegevens (met een uniek nummer) en zakelijke informatie die nodig is om hun taken uit te voeren.;
medewerkers van de gemeentelijke gezondheidsdienst en van andere door de burgemeester of het college aangewezen instellingen worden toegelaten tot seksinrichtingen als ze voornemens zijn voorlichtings- en preventieactiviteiten uit te voeren of voorlichtingsmateriaal te verspreiden;
onverwijld bij de politie wordt gemeld ieder signaal van mensenhandel of andere vormen van dwang en uitbuiting;
onverwijld aan het bevoegde bestuursorgaan wordt gemeld als gedurende ten minste één maand geen gebruik gemaakt zal worden van de vergunning. Deze melding vermeldt de reden en de verwachte duur;
gedaan wordt wat nodig is voor een goede gang van zaken binnen het seksbedrijf.
Artikel 3:18
Raamsekswerk
Het is een sekswerker verboden:
zich vanuit een gebouw of vanuit de toegang naar een gebouw aan klanten die zich op of aan de weg bevinden beschikbaar te stellen; en
passanten hinderlijk te bejegenen of zich aan passanten op te dringen dan wel zich ongekleed of vrijwel ongekleed achter het raam van een seksinrichting of in de toegang tot een seksinrichting op te houden.
Artikel 3:19
Straatsekswerk
Het is verboden op of aan de weg of op, aan of in een andere vanaf de weg zichtbare plaats, niet zijnde een seksinrichting waarvoor een vergunning is verleend, sekswerk te verrichten of aan te bieden.
Artikel 3:20
Handhaving straatsekswerk
Met het oog op de naleving van het verbod, bedoeld in artikel 3:19, kan in het belang van de openbare orde, de woon- en leefomgeving, het voorkomen of beperken van overlast, de veiligheid, de zedelijkheid of de gezondheid van sekswerkers of klanten door een politieambtenaar of toezichthouder het bevel worden gegeven zich onmiddellijk in een bepaalde richting te verwijderen.
Artikel 3:21
Verbodsbepalingen klanten
-
Het is een klant verboden gebruik te maken van diensten van een sekswerker van wie hij/zij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat de sekswerker werkzaam is voor of bij een exploitant aan wie geen vergunning voor een seksbedrijf is verleend.
-
Het is verboden op of aan de weg of op, aan of in een andere voor publiek toegankelijke plaats gebruik te maken van de diensten van een sekswerker.
Artikel 3:22
Tentoonstellen, aanbieden en aanbrengen van erotisch-pornografische goederen, afbeeldingen en dergelijke
-
Het is de rechthebbende op een onroerende zaak verboden daarin of daarop goederen, opschriften, aankondigingen, gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen van erotisch-pornografische aard openlijk tentoon te stellen, aan te bieden of aan te brengen als de burgemeester aan de rechthebbende heeft bekendgemaakt dat de wijze van tentoonstellen, aanbieden of aanbrengen daarvan, de openbare orde of de woon- en leefomgeving in gevaar brengt.
-
Het eerste lid is niet van toepassing op het tentoonstellen, aanbieden of aanbrengen van goederen, opschriften, aankondigingen, gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen, die dienen tot het openbaren van gedachten en gevoelens, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Grondwet.
Artikel 3:23
Nadere regels
Met het oog op de in artikel 3:7 genoemde belangen, kan het college over de uitoefening van de bevoegdheden zoals genoemd in dit hoofdstuk nadere regels vaststellen.