1. De vergunning wordt in elk geval geweigerd, als:

    1. door het verlenen van de vergunning zou worden afgeweken van het bepaalde in artikel 3a.2 of niet wordt voldaan aan de vereisten van artikel 30 d, vierde lid van de wet.

    2. de speelautomatenhal niet uitsluitend rechtstreeks vanaf de openbare weg voor publiek toegankelijk is;

    3. de exploitant(en), de bedrijfsleider(s) of beheerder(s) de leeftijd van 21 jaar nog niet heeft (hebben) bereikt;

    4. de aanvrager of leidinggevende die woonachtig is (geweest) in het buitenland, geen dan wel een afwijzende Verklaring Omtrent het Gedrag of een ander, met de verklaring omtrent het gedrag gelijkgesteld document uit het land van herkomst overlegt, afgegeven uiterlijk drie maanden voor de datum van de aanvraag.

    5. de ondernemer of de beheerder(s) onder curatele staat (staan) of bewind is ingesteld over één of meer aan hen toebehorende goederen, als bedoeld in Boek 1, titel 19, van het Burgerlijk Wetboek;

    6. door de aanwezigheid van speelautomatenhal naar het oordeel van de burgemeester de leef- en woonsituatie in de naaste omgeving of het karakter de (winkel)straat of buurt op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed;

    7. als naar het oordeel van de burgemeester moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet overeenkomt met hetgeen in de aanvraag is vermeld;

    8. de exploitatie of vestiging van de speelautomatenhal strijd oplevert met het omgevingsplan.

    9. de aanwezigheidsvergunning kansspelautomaten wordt geweigerd.

  2. De burgemeester kan de vergunning voorts weigeren in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet Bibob.