In deze verordening wordt verstaan onder:

  • bebouwde kom: de bij raadsbesluit vastgestelde bebouwde kom;

  • beperkingengebiedactiviteit: hetgeen daaronder wordt verstaan in de bijlage, onder A, van de Omgevingswet;

  • bouwwerk: hetgeen daaronder wordt verstaan in de bijlage, onder A, van de Omgevingswet;

  • college: het college van burgemeester en wethouders van Maastricht;

  • gebouw: hetgeen daaronder wordt verstaan in de bijlage, onder A, van de Omgevingswet;

  • openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn;

  • openbare plaats: hetgeen daar onder wordt verstaan in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties;

  • rechthebbende: een ieder die over enige zaak enige zeggenschap heeft krachtens een zakelijk of persoonlijk recht;

  • voertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van kleine wagens zoals kruiwagens, kinderwagens en rolstoelen;

  • weg: hetgeen daar onder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onderdeel b, van de Wegenverkeerswet 1994.