Algemene plaatselijke verordening voor Delft BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 16-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde
Afdeling Bestrijding van ongeregeldheden
Afdeling Betoging
Afdeling Verspreiden van gedrukte stukken
Afdeling Vertoningen e.d. op de weg
Afdeling Bruikbaarheid en aanzien van de weg.
Afdeling Veiligheid op de weg.
Afdeling Evenementen
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf.
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
Afdeling Bepalingen over horeca-exploitatie
Afdeling Bepalingen over paracommerciële rechtspersonen
Afdeling Maatregelen tegen overlast en baldadigheid
Afdeling Bepalingen ter bestrijding van heling van goederen
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Veiligheidsrisicogebieden, gebiedsontzegging, cameratoezicht op openbare plaatsen en woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet.
Hoofdstuk Seksinrichtingen, escortbedrijven, straat- en raamprostitutie
Afdeling Begripsomschrijvingen en nadere regels
Afdeling Seksinrichtingen, escortbedrijven, straat- en raamprostitutie
Afdeling Beslistermijn en weigeringsgronden
Afdeling beëindiging exploitatie; wijziging beheer
Afdeling Intrekking en sluiting
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding der gemeente
Hoofdstuk Straf-, overgangs- en slotbepalingen

Afdeling

Evenementen

Artikel 2:17.

Begripsbepaling.

In deze afdeling wordt verstaan onder:

  1. Groot evenement: regelmatig terugkerend evenement of incidenteel evenement, dat door de burgemeester als zodanig wordt aangewezen op grond van een meer dan gemiddelde belasting van de woon- en leefomgeving en een meer dan gemiddelde inzet van de hulpdiensten.

  2. Evenement: elke voor het publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met inbegrip van een herdenkingsplechtigheid en een braderie, met een gemiddelde belasting van de woon- en leefomgeving en een gemiddelde inzet van de hulpdiensten, met uitzondering van:

    1. bioscoopvoorstellingen;

    2. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet en artikel 5:19 van deze verordening;

    3. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;

    4. het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen;

    5. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

  3. Klein evenement:

    • is een evenement, echter met een lage belasting van de woon- en leefomgeving;

    • heeft geen te verwachten inzet van de hulpdiensten;

    • heeft maximaal 250 bezoekers op het drukste moment;

    • duurt niet langer dan één dag;

    • vindt plaats tussen 9.00 en 23.00 uur;

    • belemmert de doorgang voor het openbaar vervoer en hulpdiensten zoals politie, ambulance en brandweer niet;

    • produceert een geluidsniveau op de gevels van omringende gebouwen die niet hoger is dan 75 dB(A);

    • heeft niet meer dan maximaal twee kleine geplaatste objecten (zoals een partytent) met een oppervlakte van maximaal 10 m2 per object;

    • heeft geen geplaatste professionele podia;

    • wordt gehouden zonder gebruik te maken van professionele geluidsapparatuur;

    • wordt georganiseerd zonder reclame te maken om belangstellenden van buiten aan te trekken.

Artikel 2:18.

Evenementenvergunning

  1. Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een groot evenement, een evenement of een klein evenement te organiseren.

  2. Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, indien:

    1. het aantal redelijkerwijs te verwachten aanwezigen niet meer bedraagt dan 250 personen;

    2. het evenement plaatsvindt tussen 09.00 uur en 23.00 uur;

    3. geen muziek en gehore wordt gebracht voor 09.00 uur of na 23.00 uur;

    4. het evenement geen nadelige gevolgen heeft voor de verkeersveiligheid, de verkeersdoorstroming of de veiligheid van personen of goederen;

    5. er een organisator is, en

    6. de organisator uiterlijk 3 weken voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester.

  3. De burgemeester kan binnen 10 dagen na ontvangst van de melding besluiten het organiseren van een evenement als bedoeld in het tweede lid te verbieden, indien daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt.

  4. Het college kan voor evenementen gebieden en/of locaties aanwijzen en/of nadere regels stellen.

  5. De burgemeester kan nadere regels vaststellen betreffende het beslissen op een aanvraag om een vergunning voor het houden van een evenement.

  6. Het verbod van het eerste lid geldt niet voor een wedstrijd op of aan de weg, voor zover in het geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 10 juncto 148 van de Wegenverkeerswet 1994.

  7. Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing.

Artikel 2:19.

Ordeverstoring

Het is verboden bij een evenement de orde te verstoren.

← terug naar Algemene plaatselijke verordening voor Delft