Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Asten 2026 BETA Foutje gevonden?

Inhoud

Paragraaf

Afdeling 2.7b Toezicht op campings en recreatieparken

Artikel 2:41

Definities

In deze afdeling wordt verstaan onder:

  1. beheerder/leidinggevende: de natuurlijke of rechtspersoon of personen die de onmiddellijke leiding uitoefent of uitoefenen over de camping of het recreatiepark;

  2. camping of recreatiepark: (kampeer-)terrein waarvan het gebruik ten behoeve van het verschaffen van recreatief nachtverblijf, als bedoeld in het omgevingsplan;

  3. exploitant: de natuurlijke of rechtspersoon die een camping of recreatiepark exploiteert op grond van artikel 2:41a;

  4. recreatieverblijfplaats: kampeerplaats, kampeervak, kampeerunit, (sta-) caravan, chalet of vergelijkbare accommodatie, die uitsluitend voor vakantie, ontspannings- of vrijetijdsdoeleinden wordt gebruikt, ten behoeve van recreatief nachtverblijf;

  5. recreatieverblijf: een verblijf van maximaal 30 dagen dat geen kenmerken heeft van hoofdverblijf of permanente bewoning en de gebruiker zijn hoofdverblijf elders heeft gevestigd, dan wel het recreatieverblijf niet fungeert als het centrum van zijn maatschappelijk sociaal leven.

Artikel 2:41a

Vergunning exploitatie camping of recreatiepark

  1. Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een camping of recreatiepark van meer dan 25 recreatieverblijfplaatsen te exploiteren.

  2. De vergunning wordt verstrekt aan één exploitant ten behoeve van het exploiteren van alle recreatieverblijfplaatsen op de camping of recreatiepark.

  3. Voor zover er voor de exploitatie van de camping of het recreatiepark ook een vergunning als bedoeld in artikel 2:28 benodigd is en er sprake is van eenzelfde exploitant en beheerder/leidinggevende, wordt, gelet op het bepaalde in artikel 2:28 lid 4 onderdeel e, één exploitatievergunning verleend.

  4. In de aanvraag om vergunning en in de vergunning worden in ieder geval de volgende gegevens overgelegd:

    1. de persoonsgegevens van de exploitant; en

    2. de persoonsgegevens van de beheerder/leidinggevende.

  5. Op de aanvraag is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Artikel 2:41b

Weigeringsgronden

  1. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 weigert de burgemeester de vergunning in ieder geval als:

    1. de exploitant of beheerder/leidinggevende onder curatele staat;

    2. de exploitant of beheerder/leidinggevende in enig opzicht van slecht levensgedrag is;

    3. de exploitant of beheerder/leidinggevende de leeftijd van 21 jaar niet heeft bereikt;

    4. de exploitatie van de camping of het recreatiepark in strijd is met het omgevingsplan;

    5. de exploitatievergunning niet wordt gebruikt voor de exploitatie van een recreatieverblijfplaats.

  2. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 en het bepaalde in het eerste lid kan de vergunning ook worden geweigerd als:

    1. naar het oordeel van de burgemeester moet worden aangenomen dat de woon- of leefsituatie in de omgeving van de camping of het recreatiepark of de openbare orde door de exploitatie van de camping of het recreatiepark op ontoelaatbare wijze wordt beïnvloed;

    2. de exploitatie van de camping of het recreatiepark een onaanvaardbaar risico op ernstige verstoring van de openbare orde met zich zal meebrengen;

    3. dit in het belang is van het voorkomen of beperken van overlast of strafbare feiten;

    4. ten aanzien van de te verlenen vergunning een negatief BIBOB-advies is ontvangen.

Artikel 2:41c

Sluiting camping of recreatiepark

  1. De burgemeester kan ter bescherming van de openbare orde en veiligheid de sluiting bevelen van een camping of recreatiepark als daar:

    1. door misdrijf verkregen zaken voorhanden, bewaard of verborgen zijn dan wel verworven of overgedragen;

    2. discriminatie heeft plaatsgevonden op grond van ras, geslacht, seksuele gerichtheid of op welke grond dan ook;

    3. wapens als bedoeld in artikel 2 van de Wet wapens en munitie aanwezig zijn waarvoor geen ontheffing, vergunning of verlof is verleend;

    4. zich andere feiten en/of omstandigheden hebben voorgedaan die de vrees wettigen dat het geopend blijven van de camping of recreatiepark ernstig gevaar oplevert voor de openbare orde.

  2. De burgemeester kan de sluiting bevelen van een camping of recreatiepark als:

    1. de exploitant of beheerder/leidinggevende handelt in strijd met het bepaalde in de artikel 2:41a, eerste lid, of 2:41b eerste lid, onderdelen a en b;

    2. de exploitant of beheerder/leidinggevende handelt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften.

  3. De burgemeester trekt het sluitingsbevel in als naar zijn oordeel de in het eerste lid genoemde belangen voortzetting van de sluiting niet langer vereisen.

  4. De burgemeester draagt zorgt voor het aanbrengen van het bevel tot sluiting bij de toegang van de camping of recreatiepark of in de directe nabijheid daarvan.

  5. De rechthebbende laat toe dat een afschrift van het sluitingsbevel wordt aangebracht.

Artikel 2:41d

Aanwezigheid in gesloten camping of recreatiepark

  1. Het is verboden een camping of recreatiepark te betreden waarvan de sluiting is bevolen.

  2. Het is de exploitant of beheerder/leidinggevende verboden zonder toestemming van de burgemeester bezoekers toe te laten of zelf de camping of het recreatiepark te betreden.

Artikel 2:41e

Intrekking vergunning

Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 wordt de vergunning ingetrokken als:

  1. de exploitatie van de camping of het recreatiepark door een andere dan in de vergunning genoemde houder wordt overgenomen;

  2. het eigendom van de onder de exploitatievergunning vallende gronden wordt overgedragen aan meerdere exploitanten;

  3. de exploitatievergunning niet wordt gebruikt voor de exploitatie van een recreatieverblijf;

  4. de exploitant of beheerder/leidinggevende handelt in strijd met het bepaalde in de artikel 2:41a, eerste lid, of 2:41b eerste lid, onderdelen a en b;

  5. de exploitant of beheerder/leidinggevende handelt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften.

← terug naar Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Asten 2026