Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 wordt de vergunning ingetrokken als:

  1. de exploitatie van de camping of het recreatiepark door een andere dan in de vergunning genoemde houder wordt overgenomen;

  2. het eigendom van de onder de exploitatievergunning vallende gronden wordt overgedragen aan meerdere exploitanten;

  3. de exploitatievergunning niet wordt gebruikt voor de exploitatie van een recreatieverblijf;

  4. de exploitant of beheerder/leidinggevende handelt in strijd met het bepaalde in de artikel 2:41a, eerste lid, of 2:41b eerste lid, onderdelen a en b;

  5. de exploitant of beheerder/leidinggevende handelt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften.