1. Het is verboden in of binnen een afstand van dertig meter van bossen, op heide- of veengronden te roken.

  2. Het is verboden in of binnen een afstand van honderd meter van bossen, op heide- of veengronden, voor zover het de open lucht betreft, brandende of smeulende voorwerpen te laten vallen, weg te werpen of te laten liggen.

  3. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 3˚, van het Wetboek van Strafrecht.

  4. Het verbod is voorts niet van toepassing voor zover het roken plaatsvindt in gebouwen en aangrenzende erven.