1. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 kan het bevoegd bestuursorgaan een vergunning intrekken indien:

    1. de exploitant of beheerder niet langer voldoet aan de in artikel 3:5 gestelde eisen;

    2. er aanwijzingen zijn dat bij het seksbedrijf of bij het escortbedrijf:

      1. personen werkzaam zijn of zijn geweest in strijd met artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht of met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of de Vreemdelingenwet 2000 bepaalde;

      2. minderjarigen werkzaam en/of aanwezig zijn of zijn geweest; of

      3. sekswerkers werkzaam zijn of zijn geweest die de leeftijd van 21 jaar niet hebben bereikt.

    3. de verstrekte gegevens zodanig onjuist of onvolledig blijken te zijn dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen indien bij de beoordeling daarvan de juiste gegevens bekend waren geweest;

    4. Indien een eerdere of andere vergunning van dezelfde exploitant voor de exploitatie van een escortbedrijf of seksbedrijf is geweigerd of ingetrokken;

    5. In het geval en onder voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur;

    6. een niet in het aanhangsel van de vergunning vermeld persoon beheerderstaken uitvoert met betrekking tot het seksbedrijf of het escortbedrijf waarop de vergunning betrekking heeft;

    7. geen of onvoldoende toezicht aanwezig is of is geweest van de exploitant of beheerder;

    8. in strijd wordt gehandeld met de door het bevoegd bestuursorgaan gestelde nadere regels als bedoeld in artikel 3:3 van deze verordening;

    9. i. het bedrijfsplan niet langer voldoende garanties geeft voor de bescherming van de sekswerkers en er in strijd is gehandeld met de maatregelen die in het bedrijfsplan zijn beschreven, zoals bedoeld in artikel 3:4a van deze verordening;

    10. de exploitant niet langer voldoet aan de bij of krachtens artikel 3:4a gestelde regels;

    11. de belangen genoemd in artikel 3:10, tweede lid, niet worden beschermd;

    12. de exploitant of de beheerder niet voldoet aan het in artikel 3:11 of 3:11a bepaalde of in strijd handelt met artikel 3:15a van deze verordening;

    13. de aard van het seksbedrijf is gewijzigd zonder dat daarvoor een vergunning is verleend; en

    14. het seksbedrijf in strijd handelt met artikel 3:14 van deze verordening.

  1. Het bevoegd bestuursorgaan kan de vergunning voor een escortbedrijf eveneens intrekken, indien zich een omstandigheid voordoet die een weigeringsgrond oplevert als bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, aanhef en onder b, e, f of g van deze verordening