Omgevingswet Actueel

Inhoud

§ 16.9.1

Verzoek tot bekrachtiging

Artikel 16.93

  1. Het bestuursorgaan dat een onteigeningsbeschikking heeft gegeven, verzoekt de bestuursrechter deze te bekrachtigen.

  2. Het verzoekschrift wordt ondertekend en bevat ten minste:

    1. de naam en het adres van het bestuursorgaan,

    2. de dagtekening,

    3. een omschrijving van de onteigeningsbeschikking waarop het verzoek betrekking heeft.

  3. Bij het verzoekschrift worden overgelegd:

    1. een afschrift van de onteigeningsbeschikking,

    2. de op de onteigeningsbeschikking betrekking hebbende stukken die redelijkerwijs nodig zijn voor de behandeling van het verzoek.

Artikel 16.94

  1. Het verzoek wordt ingediend bij de rechtbank binnen het rechtsgebied waarvan de voor onteigening aangewezen onroerende zaken liggen. Als de onroerende zaken in het rechtsgebied van meer dan een rechtbank liggen, is bevoegd de rechtbank binnen het rechtsgebied waarvan het bestuursorgaan zijn zetel heeft.

  2. De artikelen 6:14, eerste lid, en 6:15, eerste en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.

Artikel 16.95

Het verzoek kan niet-ontvankelijk worden verklaard als niet is voldaan aan artikel 16.93, tweede en derde lid, mits de verzoeker de gelegenheid heeft gehad het verzuim te herstellen binnen een hem daartoe gestelde termijn.

Artikel 16.96

  1. De termijn voor het indienen van een verzoekschrift bedraagt zes weken.

  2. De termijn begint met ingang van de dag na die waarop de onteigeningsbeschikking overeenkomstig artikel 3:44, eerste lid, onder a, van de Algemene wet bestuursrecht ter inzage is gelegd en hiervan kennis is gegeven.

  3. De artikelen 6:9 tot en met 6:11 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.

← terug naar Omgevingswet