Omgevingswet

Inhoud

Artikel 10.14

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2026.
Deze versie geldt vanaf 01-07-2026.

Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat kan, na overleg met Onze Minister van Klimaat en Groene Groei, aan een rechthebbende een gedoogplicht opleggen voor het tot stand brengen of opruimen van:

  1. een mijnbouwwerk,

  2. werken bestemd voor het opsporen van CO2-opslagcomplexen als bedoeld in artikel 1 van de Mijnbouwwet,

  3. een systeem dat wordt beheerd door een transmissie- of distributiesysteembeheerder als bedoeld in artikel 1.1 van de Energiewet of door een transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee als bedoeld in artikel 1.1 van die wet,

  4. een windpark als bedoeld in artikel 6.1, eerste lid, onderdeel a, of 6.2, eerste lid, onderdeel a, van de Energiewet,

  5. een inrichting waarvoor een vergunning is verleend op grond van artikel 15, onder b, van de Kernenergiewet,

  6. een werk voor de levering van warmte als bedoeld in artikel 38 van de Warmtewet,

  7. het landelijk transportnet voor waterstofgas als bedoeld in artikel 1.1 van de Energiewet waarvoor door de Minister van Klimaat en Groene Groei een beheerder is aangewezen.

01-07-2026 Huidig 04-06-2026 Historisch 18-02-2026 Historisch 01-01-2026 Historisch 01-07-2025 Historisch 01-01-2024 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 04-06-2026.

Tekst van deze versie

Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat kan, na overleg met Onze Minister van Klimaat en Groene Groei, aan een rechthebbende een gedoogplicht opleggen voor het tot stand brengen of opruimen van:

  1. een mijnbouwwerk,

  2. werken bestemd voor het opsporen van CO2-opslagcomplexen als bedoeld in artikel 1 van de Mijnbouwwet,

  3. een systeem dat wordt beheerd door een transmissie- of distributiesysteembeheerder als bedoeld in artikel 1.1 van de Energiewet of door een transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee als bedoeld in artikel 1.1 van die wet,

  4. een windpark als bedoeld in artikel 6.1, eerste lid, onderdeel a, of 6.2, eerste lid, onderdeel a, van de Energiewet,

  5. een inrichting waarvoor een vergunning is verleend op grond van artikel 15, onder b, van de Kernenergiewet,

  6. een werk voor de levering van warmte als bedoeld in artikel 38 van de Warmtewet,

  7. het landelijk transportnet voor waterstofgas als bedoeld in artikel 1.1 van de Energiewet waarvoor door de Minister van Klimaat en Groene Groei een beheerder is aangewezen.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Omgevingswet