Gerechtsdeurwaardersverordening Laatste controle 11-05-2026, laatste wijziging 08-05-2026 (Bron: wetten.overheid.nl).

Inhoud
Hoofdstuk 1 Algemeen
Hoofdstuk 2 Vakbekwaamheid
Hoofdstuk 3 Ambtsuitoefening
Hoofdstuk 4 Dienstverlening
Hoofdstuk 5 Bedrijfsvoering
Hoofdstuk 6 Samenwerking
Hoofdstuk 7 KBvG
Hoofdstuk 8 Bestuursregels en slotbepalingen
Bijlage 1

Hoofdstuk 4

Dienstverlening

Artikel 4.1

De artikelen 4.4 en 4.5 zijn van overeenkomstige toepassing op toegevoegd gerechtsdeurwaarders en kandidaat-gerechtsdeurwaarders.

Artikel 4.2

  1. De gerechtsdeurwaarder heeft een evenwichtige opdrachtportefeuille van meerdere opdrachtgevers.

  2. De gerechtsdeurwaarder die op enig moment niet voldoet aan het eerste lid, maakt een plan om een evenwichtige opdrachtportefeuille te bereiken en voert dat plan uit.

Artikel 4.3

De voor de ambtsuitoefening benodigde capaciteit wordt niet door nevenwerkzaamheden verdrongen.

Artikel 4.4

  1. De gerechtsdeurwaarder is zorgvuldig en nauwgezet in zijn dienstverlening.

  2. De gerechtsdeurwaarder legt gemaakte afspraken onverwijld vast in het dossier.

Artikel 4.5

  1. Communicatie door een gerechtsdeurwaarder waarin zijn diensten direct of indirect worden aangeprezen is:

    1. in overeenstemming met de waarheid en niet misleidend; en

    2. zodanig dat het vertrouwen in het ambt of de beoefenaren daarvan niet wordt geschaad.

  2. De gerechtsdeurwaarder is verantwoordelijk voor het gebruik van voor zijn beroepsuitoefening bestemde bescheiden, waaronder briefpapier. De verantwoordelijkheid omvat in voorkomende gevallen ook de afhandeling van een reactie van een betrokkene.

  3. In wettelijk voorgeschreven publicaties prijst de gerechtsdeurwaarder niet direct of indirect zijn diensten aan. Het bestuur kan regels stellen over centrale weergave van aankondigingen voor executieveilingen.

  4. Artikel 3.5, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing op alle gegevens waarover de gerechtsdeurwaarder in de uitoefening van zijn beroep de beschikking krijgt.

Artikel 4.6

  1. De gerechtsdeurwaarder verstrekt opdrachtgever inlichtingen over de voor de dienstverlening relevante feiten.

  2. De gerechtsdeurwaarder verstrekt de opdrachtgever bij het aanvaarden van de opdracht de voorwaarden die van toepassing zijn en informeert hem over de kosten en de kans dat, behoudens veranderde omstandigheden, de vordering en de voor een ambtshandeling gemaakte of te maken kosten niet verhaalbaar blijken op een justitiabele. De gerechtsdeurwaarder informeert opdrachtgever wanneer de kosten of deze kans aanmerkelijk wijzigen, voor zover met de opdrachtgever niet anders is overeengekomen.

  3. Als het beslagregister wordt geraadpleegd op grond van artikel 6.4, tweede of derde lid, verstrekt de gerechtsdeurwaarder geen informatie die afkomstig is uit het beslagregister en blijft de mededeling beperkt tot het vooruitzicht dat de vordering en de voor een ambtshandeling gemaakte of te maken kosten niet binnen een redelijke termijn kunnen worden verhaald.

  4. De gerechtsdeurwaarder legt in de overeenkomst van opdracht de tarieven en de aard en omvang van de werkzaamheden vast.

  5. De gerechtsdeurwaarder informeert de opdrachtgever die in aanmerking lijkt te komen voor gefinancierde rechtsbijstand, over die mogelijkheid.

  6. De gerechtsdeurwaarder verschaft opdrachtgevers regelmatig inzage in de stand van zaken van een dossier. Ontvangen schikkingsvoorstellen en voorstellen voor betalingsregelingen worden voorgelegd aan de opdrachtgever, voor zover met de opdrachtgever niet anders is overeengekomen.

  7. Als wordt afgeweken van de gemaakte afspraken, dan informeert de gerechtsdeurwaarder de opdrachtgever over de alternatieven en de consequenties daarvan.

Artikel 4.7

  1. De gerechtsdeurwaarder neemt de risico’s van een vordering niet geheel of gedeeltelijk over en participeert niet in een organisatie die vorderingen opkoopt.

  2. Het is de gerechtsdeurwaarder pas toegestaan om ontvangen gelden af te dragen aan zijn opdrachtgever nadat de outofpocketkosten en zijn eigen verdiensten zijn betaald.

  3. Het is de gerechtsdeurwaarder niet toegestaan om outofpocketkosten en verschotten geheel of gedeeltelijk voor te schieten.

  4. De gerechtsdeurwaarder sluit geen overeenkomsten die erop gericht zijn dat outofpocketkosten geheel of gedeeltelijk voor zijn rekening komen.

  5. Onder outofpocketkosten wordt verstaan de kosten, uitgezonderd het honorarium voor een gerechtsdeurwaarder, die de gerechtsdeurwaarder aan een derde betaalt ten behoeve van een opdracht, met inbegrip van verschotten als bedoeld in artikel 9 van het Besluit tarieven ambtshandelingen gerechtsdeurwaarders, griffierechten, informatiekosten en leges.

  6. Het tweede lid is niet van toepassing op afdrachten tussen gerechtsdeurwaarders onderling. Het derde en vierde lid zijn niet van toepassing op overeenkomsten tussen gerechtsdeurwaarders of gerechtsdeurwaarderskantoren.

Artikel 4.8

De gerechtsdeurwaarder werkt niet mee aan de totstandkoming van een betalingsregeling waaraan kosten voor de schuldenaar verbonden zijn.

Artikel 4.9

De gerechtsdeurwaarder beschikt over een procedure die wordt gevolgd bij de behandeling van schriftelijke klachten.

← terug naar Gerechtsdeurwaardersverordening