1. De gerechtsdeurwaarder verstrekt onverwijld inlichtingen over een gelegd beslag aan een ambtsgenoot die daartoe een verzoek doet dat gerechtvaardigd is met het oog op een te verrichten ambtshandeling.

  2. De verstrekte inlichtingen strekken niet verder dan nodig om een redelijke schatting te maken van de verhaalbaarheid van de vordering van de verzoeker, de juiste toepassing van de beslagvrije voet of om zekerheid te verkrijgen omtrent de rol en taak van betrokken gerechtsdeurwaarders. Inlichtingen die in het beslagregister zijn opgenomen, hoeven niet te worden verstrekt.

  3. Bij twijfel over de juistheid van ontvangen inlichtingen informeert de gerechtsdeurwaarder de verantwoordelijke gerechtsdeurwaarder.