-
De beroepsstage is gericht op het voorbereiden van de kandidaat-gerechtsdeurwaarder op zelfstandige beroepsuitoefening.
-
De beroepsstage bestaat uit door de kandidaat-gerechtsdeurwaarder te volgen onderwijs en werkzaamheden onder begeleiding van de gerechtsdeurwaarder aan wie de kandidaat-gerechtsdeurwaarder voor de beroepsstage is toegevoegd.
Gerechtsdeurwaardersverordening Laatste controle 11-05-2026, laatste wijziging 08-05-2026 (Bron: wetten.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk 1 Algemeen
Hoofdstuk 2 Vakbekwaamheid
Paragraaf 2.1 Beroepsstage
Paragraaf 2.2 Permanente educatie
Hoofdstuk 3 Ambtsuitoefening
Hoofdstuk 4 Dienstverlening
Hoofdstuk 5 Bedrijfsvoering
Paragraaf 5.1 Verantwoordelijkheid
Paragraaf 5.3 Administratie
Paragraaf 5.4 Gerechtsdeurwaarder als werkgever
Hoofdstuk 6 Samenwerking
Paragraaf 6.2 Zeggenschap van derden en externe participatie
Hoofdstuk 7 KBvG
Paragraaf 7.1 Samenstelling van de ledenraad
Paragraaf 7.2 Vergaderorde van de ledenraad
Paragraaf 7.3 Beraadslaging door de ledenraad
Paragraaf 7.4 Besluitvorming door de ledenraad
Paragraaf 7.5 Ondersteuning bestuur KBvG
Paragraaf 7.6 Medewerking van gerechtsdeurwaarder
Hoofdstuk 8 Bestuursregels en slotbepalingen
Paragraaf 8.1 Delegatie van regelgevende bevoegdheid
Paragraaf 8.2 Evaluatie
Paragraaf 8.3 Intrekking van verordeningen
Paragraaf 8.4 Overgangsrecht
Paragraaf 8.5 Slotbepalingen
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2
-
Het bestuur stelt een onderwijsprogramma voor de beroepsstage vast met het oog op de voor zelfstandige beroepsuitoefening vereiste kennis en vaardigheden.
-
Voor het volgen van het onderwijs is een vergoeding van kosten verschuldigd. Het bestuur stelt de hoogte van de vergoeding vast.
-
Het bestuur kan de kandidaat-gerechtsdeurwaarder van deelname uitsluiten zolang de verschuldigde vergoeding niet is voldaan.
Artikel 2.3
De gerechtsdeurwaarder aan wie de kandidaat-gerechtsdeurwaarder voor de beroepsstage is toegevoegd geeft voorlichting en raad bij het verrichten van de werkzaamheden.
Artikel 2.4
-
Het bestuur verstrekt de kandidaat-gerechtsdeurwaarder op aanvraag een stageverklaring als deze voldoende blijk heeft gegeven van de kennis, de kunde en de ervaring in het verrichten van werkzaamheden in de praktijk om het ambt zelfstandig uit te oefenen.
-
De aanvraag bevat een verklaring van de gerechtsdeurwaarder aan wie de kandidaat-gerechtsdeurwaarder voor de beroepsstage is toegevoegd, over de door de kandidaat-gerechtsdeurwaarder verrichte werkzaamheden.
-
Met toepassing van artikel 28, eerste lid, van de Dienstenwet, is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de aanvraag van de stageverklaring.
-
Het bestuur kan een model van de verklaring, bedoeld in het tweede lid, vaststellen.
Artikel 2.5
-
De gerechtsdeurwaarder, toegevoegd gerechtsdeurwaarder en kandidaat-gerechtsdeurwaarder volgen onderwijs of verrichten andere activiteiten met het oog op het onderhouden van de voor een goede beroepsuitoefening vereiste kennis en vaardigheden.
-
Deze paragraaf is niet van toepassing op de kandidaat-gerechtsdeurwaarder, die is toegevoegd op grond van de stage in het kader van de opleiding bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de wet.
Artikel 2.6
-
De gerechtsdeurwaarder, toegevoegd gerechtsdeurwaarder of kandidaat-gerechtsdeurwaarder heeft voldaan aan artikel 2.5 door ten minste een door het bestuur vastgesteld aantal opleidingspunten te behalen in ieder tijdvak van twee kalenderjaren, dat begint in een oneven jaar.
-
Indien deze paragraaf niet het gehele tijdvak van toepassing is, wordt het aantal opleidingspunten in het eerste lid, naar rato verminderd.
-
Als het lidmaatschap van de KBvG voor de periode van ten minste een jaar is onderbroken geweest, worden binnen twaalf maanden na toevoeging of benoeming aanvullend ten minste de helft van het in het eerste lid bedoelde aantal opleidingspunten behaald door het volgen van onderwijs op juridisch en vakinhoudelijk gebied.
-
Het bestuur stelt nadere regels over het aantal punten dat gehaald moet worden op een specifiek gebied.
Artikel 2.7
-
Op aanvraag van een opleidingsinstelling, gerechtsdeurwaarder, toegevoegd gerechtsdeurwaarder of kandidaat-gerechtsdeurwaarder kent het bestuur opleidingspunten toe aan onderwijs en activiteiten, als bedoeld in artikel 2.5.
-
Voor het in behandeling nemen van een aanvraag is een vergoeding van kosten verschuldigd. Het bestuur stelt de hoogte van de vergoeding vast.
-
Het bestuur stelt nadere regels over het aantal opleidingspunten dat aan onderwijs of activiteiten wordt toegekend.
Artikel 2.8
Het bestuur kan regels stellen over vormen van onderwijs als bedoeld in artikel 2.5, waaraan de deelname verplicht is.
Artikel 2.9
-
Het bestuur registreert de door de gerechtsdeurwaarder, toegevoegd gerechtsdeurwaarder of kandidaat-gerechtsdeurwaarder behaalde opleidingspunten en het gevolgde onderwijs, bedoeld in artikel 2.8.
-
Het bestuur stelt regels over de opgave en registratie van behaalde opleidingspunten.
-
Het bestuur verstrekt een overzicht van de behaalde opleidingspunten over het lopende of daaraan voorafgaande tijdvak, uiterlijk vier weken na een verzoek daartoe of na afloop van het tijdvak, bedoeld in artikel 2.6, eerste lid.
Artikel 2.10
-
Van een verplichting als bedoeld in artikel 2.6, kan door het bestuur ontheffing worden verleend. Aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden of beperkingen worden gesteld.
-
Een ontheffing wordt slechts verleend als naleving van de verplichting zou leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.