1. De vergunninghouder meldt elke verandering waardoor zijn seksbedrijf niet langer in overeenstemming is met de op grond van artikel 3:8, eerste lid, in de vergunning opgenomen gegevens, zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen één week, aan het bevoegde bestuursorgaan.

  2. Het bevoegde bestuursorgaan verleent een gewijzigde vergunning, als het seksbedrijf aan de vereisten voldoet.